Archive for the ‘Biologische Raakvlakken’ Category

Communiceren met het Bewustzijn van je Foetus?

Binnen het werkraam van deze site zijn er in de loop der tijd allerlei bouwstenen verzameld, die er voor zorgen dat bepaalde concepten kunnen worden onderzocht. Afhankelijk van je eigen perspectief op de wereld kun je het eens zijn met deze bouwstenen of niet. Zo wordt als aannemelijk beschouwd dat bewustzijn niet slechts tijdelijk gekoppeld is aan een lichaam, maar dat er ook sprake is van voortlevend bewustzijn na het fysieke overlijden. Op deze site kun je daar de nodige argumenten voor vinden.

In de werken van o.a. Michael Newton en Robert Monroe (1) wordt ook uitgebreid stilgestaan bij datgene wat er zich allemaal zou kunnen afspelen vóórdat een ziel, of een deel van een ziel besluit zich te koppelen aan een lichaam. Volgens meerdere bronnen, waarbij ik ook Kyle Griffith (2) zou willen noemen, lijkt deze bezieling plaats te vinden in de periode tussen de derde en vijfde maand.

Zou het niet interessant zijn om te onderzoeken of je als ouder al contact kunt leggen met het bewustzijn van je foetus?

ongeboren-kind-vertelt-coudrisIn een boek uit 1986 van het paar Coudris (3, 4), Een ongeboren baby vertelt, wordt beschreven hoe de moeder tijdens haar zwangerschap in staat zou zijn geweest om zich zó af te stemmen op haar foetus, dat ze daadwerkelijk boodschappen kon ontvangen. De baby vertelt dan ook allerlei zaken over hoe het is om met een ruimer bewustzijn in een klein groeiend lichaam te komen. Hij vertelt over zijn ervaringen in een vorig leven, en hij praat ook uitgebreid over wat hij zo allemaal voelt van de emoties van zijn moeder en de andere mensen in zijn omgeving.

De foetus vertelt in de 28e week hoe erg ze het waardeert als zijn moeder veel praat en uitlegt over datgene wat er buiten de baarmoeder gebeurt. Zo schrijft hij: “Steeds als je aan bloemen denkt, krijg ik een beeld. Ik zie toch vaak een beeld, wanneer je je iets speciaals voorstelt. Ik weet niet altijd wat het betekent, behalve als je het verklaart. Vaak doe je dat ook niet.” (p. 38).

Aangrijpend in het boek is het moment dat de baby vertelt dat ze eveneens in haar 28e week voor het eerst huilt, en soms zelfs de steun van zijn vader meer voelt dan die van zijn moeder. Over het proces van ingroeien in het lichaam zou de baby het volgende hebben verteld tegen zijn moeder, die de boodschappen in een meditatieve toestand opschreef: “Alles van vroeger is zo ver weg. Ik duik steeds meer in jullie leven onder. Alles concentreert zich in toenemende mate op mijn baby-zijn. Alleen in mijn dromen ben ik zoals vroeger helemaanegen-maandenl vrij en ik beleef zoveel van buiten…” (p.159).

Een ander boek dat uitgebreid spreekt over het proces van bezieling van een foetus is De Negen Maanden van het echtpaar Daniël en Anne Meurois-Givaudain (5). In tegenstelling tot het vorige boek spreekt de indalende ziel niet met haar moeder, maar met het echtpaar Meurois-Givaudain. Iedere maand zou de ziel die zich als ‘Rebecca’ introduceert een bezoek brengen aan het echtpaar om haar ervaringen te delen in haar worden tot ‘S.’.

Ook dit boek is zeker een aanrader voor degenen die geïnteresseerd zijn in deze materie.

REFLECTIES
Je zou je kunnen afvragen hoe het komt dat er zo weinig verhalen lijken te zijn waarin er daadwerkelijk gesproken wordt met het bewustzijn van het ongeboren kind. Uit de bovenstaande boeken valt daar wel een mogelijke verklaring voor te vinden: je dient niet alleen te geloven in de mogelijkheid om contact te leggen met de ‘ziel’ van je kind, maar je dient er ook een bepaalde meditatieve rust voor te kunnen hebben, waarin je je ontvankelijkheid traint om dit gesprek aan te gaan. Wellicht een interessante uitdaging voor zwangere vrouwen met een meditatieve levenshouding?

Tegelijkertijd kun je je ook afvragen in hoeverre het in algemene zin gewenst is om al in een dergelijk vroeg stadium in contact te komen met je baby. Sommigen zoals Newton en Monroe suggereren toch een ‘werkwijze’ waarbij het eigenlijk vooral de bedoeling is dat het inkomende bewustzijn zich zo weinig mogelijk actief herinnert van wat er allemaal gebeurd is vóór de bezieling. De reden hiervoor dient dan vooral gezocht te worden in de ‘frisheid’ die die er ontstaat als je het leven helemaal met een schone lei te kunnen gaan starten. Herinneringen aan vorige ervaringen zijn dan eerder een belemmering.

Daar staat weer tegenover dat volgens de nodige mensen we in een periode zitten waarin we als mensheid de gelegenheid zouden krijgen om ongekende bewustzijnssprongen te gaan maken. Wellicht hoort daar ook wel bij dat we ons bewuster worden van datgene wat zich op zielsniveau afspeelt in de baarmoeder. Wie weet impliceert bewustzijnsgroei wel dat je wél in staat bent om tijdens de zwangerschap je af te stemmen op je baby. Misschien is de boodschap vooral wel dat je als ouders je baby kunt beleven als zijnde bezield met bewustzijn dat veel ruimer en groter is dan je zou denken, en dat je het daarom ook meer zou kunnen benaderen als een gelijke.

Graag wil ik de lezers aanmoedigen om hun ervaringen met hun ongeboren kind te delen door een berichtje achter te laten onder dit artikel.

NOTEN

(1) Gebruik de zoekfunctie op de site om meer te vinden over het werk van deze iconen.

(2) War in Heaven

(3) Coudris, René en Mira (1986). Een ongeboren baby vertelt. Deventer: Ankh-Hermes.

(4) Dr. H. Verbrugh schrijft een NBD-biblion recensie welke ook te lezen is op de site van bol.com, waarbij hij zijn eigen mening over het gehele boek niet onder stoelen of banken schuift: “Het essentiële probleem met dit boek is de ongeloofwaardigheid van het hele verhaal“. Waarschijnlijk vertolkt hij hiermee de mening van vele mensen voor wie concepten als ziel en reïncarnatie raar, vreemd en gek zijn. Voor de artikelen op deze site geldt dan ook het gezegde, ‘wie de schoen past, trekke hem aan’.

(5) Meurois, A. en D. (1993). De Negen Maanden. Deventer: Ankh-Hermes.

De Afbrokkeling van de Mythe van de Alwetende Genen

Ware wetenschap ontwikkelt zich in de loop der tijd. Bepaalde concepten blijken gaandeweg achterhaald, en nieuwe concepten worden omarmd. Omdat wetenschapsbeoefening ook mensenwerk is, zijn er ook vele beperkende invloeden. Zo is het hardnekkige geloof in bepaalde zaken een ongekende hinderpaal in de ontwikkeling van inzichten. Je zou haast kunnen zeggen dat het fanatisme waarmee wetenschappers bepaalde achterhaalde concepten verdedigen te vergelijken is met extreem religieus fanatisme, zoals je dat bijvoorbeeld ook kunt waarnemen in het Midden Oosten.

Max Planck (1858-1947)
Max Planck (1858-1947) een natuurkundige die aan de bakermat heeft gestaan van de kwantum theorie, heeft eens gezegd dat het wel lijkt alsof oude ideeën pas verdwijnen als ook de mensen die ze denken overlijden.

Het valt dan ook niet mee om door die eigenwijze muur van hoogleraren, professoren en wetenschappelijke tijdschriften heen te beuken om nieuwe ideeën te introduceren. Andersdenkenden worden beschimpt en bespot en vooral geweerd uit de reguliere wetenschapsbeoefening.

Via hun aanzien slagen wetenschappers er ook in om via de media bepaalde ideeën te verspreiden onder de bevolking die ze dan ook vaak als waarheid aanneemt, omdat wetenschappers het immers toch wel zullen weten. Zoals we hebben geleerd dat Iran een slecht land is, en Amerika een goed land, zo hebben we ook geleerd dat denken eigenlijk een fysisch-chemisch hersenproces is, dat het leven ontstaan is op basis van puur toeval en dat genen alles weten over ons lichaam.

Om deze onmetelijke wetenschappelijke starheid te doorbreken is het aan te raden zelfstandig te gaan denken, en je af te vragen hoe aannemelijk al die zaken zijn? In hoeveel landen heeft Iran zich gemengd de afgelopen 60 jaar, en in hoeveel landen de Verenigde Staten? Waarom zou bewustzijn alleen werken op menselijk niveau, en niet op ruimere schaal?

DE SPEECH VAN BILL CLINTON

In deze bijdrage plaatsen we vraagtekens bij een diepgeworteld wetenschappelijk geloof dat stelt dat alle informatie over ons lichaam, en hoe het zich ontwikkelt, opgeslagen zou zijn in onze genen. Sheldrake haalt in zijn briljante boek The Science Delusion het falen van het Menselijk Genoom project aan. Dit project had als doelstelling een volledig overzicht te krijgen van alle menselijke genen.

Met veel tromgeroffel sprak de Amerikaanse president Bill Clinton, in de aanwezigheid van de Engelse premier Tony Voormalig president Bill Clinton die zich in 2013 inzet voor de bewapening van Syrische BendesBlair (1)  in juni 2000, vanuit het Witte Huis de volgende woorden:

“Wij zijn hier vandaag bijeengekomen om de afronding te vieren van het eerste overzicht van het volledige menselijke genoom. Zonder enige twijfel is dit het meest belangrijke en wonderlijke overzicht welke ooit is geproduceerd door de mensheid. Het zal een revolutie ontketenen in het diagnosticeren, de preventie en de behandeling van de meeste, zoniet alle menselijke ziekten. De mens staat op het punt om ongekende nieuwe krachten van heling te bemachtigen.’ (2, p.167)

De Moleculaire Biologie werd samen met de biotechnologie een grote hype in wetenschapsland, maar ruim een decennium later is er weinig meer over van al het enthousiasme. Ten eerste was het natuurlijk wat teleurstellend dat de mens ‘maar’ over zo’n 23.000 genen beschikt, terwijl bijvoorbeeld een fruitvlieg er ook al 17.000 heeft. En wat te denken van een rijstplant? Die heeft zelfs meer genen dan de mens, namelijk zo’n 38.000. We hebben ook eigenlijk net zoveel genen als de gemiddelde aap.

VERKEERD AAN HET ZOEKEN?

Sheldrake stelt ook dat we eigenlijk na al die tijd van ons D.N.A. niet veel meer weten dan hoe het bepaalde eiwitten aanmaakt. Hoe genen weten welke eiwitten, wanneer aan te maken is niet echt bekend, en hoe vervolgens die eiwitten dan zich gaan verhouden met elkaar om uiteindelijk weefsel te worden is al helemaal onbekend. Hoe het mogelijk is dat – ook al is ons D.N.A. in principe in alle cellen gelijk – er dan uit datzelfde D.N.A. armen, benen, ogen kunnen worden gevormd is ook nog een raadsel.

Zodra je met biologen praat over het stadium ná de vorming van eiwitten vervaagt het idee van genetische programmering tot termen als ‘complexe temporeel-ruimtelijke patronen van fysisch-chemische activiteit die nog niet volledig doorgrond is.’ (2, p.165)

bron: 3Ook voor het idee dat je uit ons D.N.A. bijvoorbeeld zou kunnen afleiden hoe lang iemand wordt is nog geen bewijs. Op basis van zo’n 50 genen die iets met lichaamslengte te maken zouden hebben kon voor 5% voorspeld worden hoe lang iemand zou worden. Ook het naarstig zoeken met grote onderzoeksbudgetten naar ziektes die zouden voortkomen uit ons genenpakket heeft haast niets opgeleverd.

In 2009 hebben 27 vooraanstaande genetici in Nature toegegeven dat ze ondanks meer dan zeven honderd genen-scannende publicaties en investeringen van 100 miljard dollar maar zeer beperkte genetische basis hebben kunnen vinden voor menselijke ziektes. (2,169)

In 2011 sprak Jonathan Latham, directeur van het Bioscience Resource Project de volgende woorden:

De meest waarschijnlijke verklaring voor het niet kunnen vinden van genen voor de meest voorkomende ziektes, op enkele uitzonderingen na, is dat ze niet bestaan. De kans dat we door maar te blijven zoeken het wel zullen vinden lijkt erg klein. Al het geld dat we besteden aan deze zoektocht zouden we beter kunnen investeren in de vraag: ‘Als overgeërfde genen niets te maken hebben met onze veelvoorkomende ziektes, kunnen we dan niet ontdekken wat dan wél de oorzaken zijn?’” (2, pp. 169-170).

VOORLOPIGE CONCLUSIE

De reden dat ik hier binnen deze noëtische site aandacht schenk aan zoiets biologisch als onze genen ligt in de mogelijkheid dat we de antwoorden wellicht niet moeten zoeken door iedere gen in ons lichaam drie keer om te draaien, maar dat we op een ander niveau zouden kunnen gaan denken. Hierbij is de aloude analoge TV-metafoor van grote waarde: het acht-uur-journaal vind je dan namelijk niet door de TV uit elkaar te halen en te zoeken naar de beelden. Deze worden immers slechts opgevangen door de TV en doorgegeven. Het programma vind je niet in de TV zelf, ook al zie je het wel via de TV.

Als we nu eens zouden afstappen van dat geloof dat we door ons lichaam – ons D.N.A. – binnenste buiten te keren we uiteindelijk alles zullen ontdekken over hoe het lichaam werkt, dan ontstaat er ruimte om op zoek te gaan naar het station dat als het ware de programma’s doorgeeft aan ons D.N.A., en misschien komen daar verschijnselen als bewustzijn en (morfogenetische gewoonte) velden wel goed van pas (4,5)?

Wellicht heeft het inzicht dat er eigenlijk ook niet veel gevonden wordt in het menselijk genenpakket er wel toe geleid dat het idee om menselijke genen te ‘patenteren’ niet is toegestaan door het Amerikaanse Hooggerechtshof? (6) Noorderlicht heeft in 2010 ook een uitzending gehad over de beperkte opbrengst van 10 jaar menselijk genoom project (7).

VOETNOTEN
(1) Tony Blair heeft faam gemaakt met zijn op leugens gebaseerde  illegale invasie van Irak welke geleid heeft tot de dood van honderdduizenden mensen.
(2) Sheldrake, R. (2012). The Science Delusion. London: Coronet.
(3) Mythefoto afkomstig van: marilyn.ca
(4) Het Vermengen van Morfogenetische Velden
(5) Van Junk-DNA naar Introns en Resonerende Gluonen
(6) New York Times artikel
(7) Wetenschap 24

Van Junk-DNA naar Resonerend DNA – Introns en Veldcommunicatie

Binnen het genetisch onderzoeksveld is destijds een term geïntroduceerd voor het soort DNA waarvan eigenlijk niet bekend is wat het eigenlijk voor functie heeft. Dit DNA – dat maar liefst 95% van ons DNA uitmaakt – heeft de weinig fraaie naam ‘Junk-DNA‘ gekregen. Hiermee wordt gesuggereerd dat dit DNA eigenlijk niet veel meer is dan een soort afval-DNA, en dan vooral omdat het geen coderende informatie bevat voor het maken van eiwitten.

Inmiddels schijnt er wel steeds terughoudender gebruik gemaakt te worden van deze term, omdat er langzaamaan toch ook in dit gebied van 95% ‘junk-DNA‘ wel zaken worden ontdekt.

Soms hoor je wel eens van die wetenschappers die trots beweren dat de genetica van de mens ontrafeld is; er wordt verwezen naar het prestigieuze ‘Human Genome Project‘ die als doel had alle genen van de mens in kaart te brengen. Als je dan hoort dat ze eigenlijk geen benul hebben van het nut van 95% van ons DNA dan  relativeert dat toch aanzienlijk de zogenaamde grote progressie in de genetische wetenschap.

Als je daarbij nagaat dat we ongeveer even veel genen hebben als een gemiddelde muis (1) en een hond met zijn 78 chromosomen bovendien nog meer chromosomen heeft dan de 46 van mens (2), dan lijkt er toch nog wel het een en ander te ontbreken aan de manier waarop we ons DNA zien. Het kan eigenlijk niet de grote uitvoerder en schepper tegelijk zijn.

VAN JUNK-DNA NAAR RESONEREND DNA

In het artikel ‘Morfogenetische verkenningen‘ (3) schrijf ik over de mogelijkheid dat ons DNA wellicht in staat zou zijn om op een of andere manier te communiceren met de zogenaamde morfogenetische velden. Rupert Sheldrake sprak in 1981 al over de mogelijkheid dat ons DNA wordt aangestuurd door onzichtbare morfogenetische velden. Via het werk van T.C. Kuipers – van den Bos kan er wellicht meer licht geworpen worden over de wijze waarop deze communicatie tussen velden en het DNA van de mens zou kunnen plaats vinden.

Quark Gluon Plasma – zie (5) voor bron.

In het artikel over de aura en gluonen (4) wordt gesproken over het idee dat door de afbraak van moleculen er bepaalde subatomaire deeltjes vrijkomen die in het kwantumonderzoek ‘gluonen‘ worden genoemd. Deze gluonen lijken in staat om informatie op te slaan in de vorm van kleurfrequenties. Het idee dat is geopperd door Kuipers – van den Bos, behelst de mogelijkheid dat deze gluonen (die onze aura zouden vormen) een intermediaire functie hebben tussen enerzijds de morfogenetische velden en anderzijds ons DNA.

INTRONS

Via resonantie zouden deze gluonen informatie oppikken uit de morfogenetische velden en vervolgens zouden zij gaan resoneren met die delen van het DNA die worden beschreven als ‘junk-DNA’. Een wat minder beladen term voor stukjes junk-DNA is intron (6). Deze introns van het DNA zouden kunnen resoneren met de ‘licht’-informatie van de gluonen.

Laten we eerst een definitie van die intron bekijken:

Een intron (van Engels: intragenic region) is een stukje DNA dat zich bevindt in een gen maar dat niet wordt gebruikt om het eiwit te coderen. De delen van het gen die wel in het uiteindelijke mRNA terechtkomen, worden exons genoemd.

De situatie is enigszins te vergelijken met een boek waar tussen de leesbare tekst door opeens enkele regels staan die uit willekeurige letters bestaan. Deze willekeurige letters zullen in het uiteindelijke “boek” ertussenuit gehaald worden, waardoor een verhaal zal ontstaan dat volledig leesbaar is (6).

Afkomstig van wn.com/introns (snapshot uit eerste video)

Stel je eens voor dat al die ‘intron-junk’ wel degelijk erg nuttig is, en wel omdat het in staat is om via de gluonen te communiceren met morfogenetische informatie. Via deze informatie kunnen de intronen vervolgens de verkregen informatie doorgeven aan de bekende genen die vervolgens aan de slag gaan om de gewenste eiwitten en dergelijke te gaan aanmaken.

Wellicht biedt deze theorie een antwoord op de vraag die aan het einde van het wikipedia-artikel over de intron wordt gesteld:

Aangezien de primitiefste organismen weinig introns hebben, en de hoogst ontwikkelde (waaronder de mens) de meeste, pleit dit ervoor dat introns een belangrijke functie moeten hebben, anders zouden ze niet ontstaan zijn en in stand gebleven zijn.

Voetnoten

(1) http://boekenbol.punt.nl/?r=1&id=540799
(2) http://nl.wikipedia.org/wiki/Chromosoom
(3) https://noetiek.wordpress.com/2012/04/22/morfogenetische-verkenningen/
(4) https://noetiek.wordpress.com/2012/05/17/de-aura-en-gluonen/
(5) http://www.zmescience.com/research/large-hadron-collider-lhc-gluon-quark-09112010/
(6) http://nl.wikipedia.org/wiki/Intron

De Aura en Gluonen

INTRODUCTIE

Geïnspireerd door het werk van T.C. Kuipers – van den Bos kan ik een fascinerende visie op het werkingsmechanisme en de aard van auravelden via deze site verspreiden. Zoals altijd wordt meedenken en -voelen erg gewaardeerd. Op die manier kunnen we gezamenlijk bepaalde nieuwe concepten aan kracht laten winnen.

Misschien zit ik er naast, maar volgens mij wordt er binnen de ‘hard-core’ natuurwetenschap vaak wat lacherig en smalend gedaan over de aura. Binnen de reguliere geneeskunde is er ook geen ruimte voor.

En dat terwijl de aura wel eens een cruciale  rol zou kunnen vervullen in de werking van het lichaam en ons bewustzijn. In deze bijdrage wordt een theorie uiteengezet die een licht werpt op deze mogelijke rol van de aura.

ATP

Laten we beginnen in ons lichaam, en wel in onze cellen. Veel van de brandstof die we daar gebruiken komt voort uit de afbraak van bepaalde moleculen. Eén van de meest voorkomende ‘verbrandingsmoleculen’ is de stof ATP. Een lichaam in rust schijnt maar liefst 45 kilogram (!) ATP per dag om te zetten (1,2). Bij de omzetting van ATP naar ADP komt energie vrij die het lichaam nodig heeft om te kunnen functioneren.

ATP wordt wel gezien als hét belangrijkste molecuul voor de energievoorziening in ons lichaam.

VAN ATP NAAR GLUONEN

Bij de omzetting van ATP komt energie vrij (29,4 kilojoule/mol) die gebruikt wordt voor allerlei processen. Stel je eens voor dat een deel van deze energie zich ook op een héél klein niveau zou kunnen uiten, namelijk het kwantumniveau. Je weet wel, het niveau waar er ‘vreemde’ zaken gebeuren met betrekking tot materie en energie.

Binnen de kwantumwereld zijn er inmiddels vele deeltjes onderscheiden. Binnen dit kader wil ik vooral aandacht wil schenken aan de zogenaamde ‘vrije gluonen‘. Deze gluonen (afgeleid van het woord ‘glue’, lijm omdat ze in gebonden vorm bepaalde andere deeltjes bij elkaar ‘gelijmd’ houden) hebben bijzondere eigenschappen.

Illustratie afkomstig van Berkeley Lab (4)

Een korte blik op de bijbehorende wikipedia-pagina leert ons dat gluonen het vermogen hebben om bepaalde kleuren te herbergen. Zo kunnen we lezen:

De kwantumchromodynamica (QCD), de momenteel, in 2011, algemeen geaccepteerde theorie voor de beschrijving van de sterke kernkracht, beschrijft dat gluonen worden uitgewisseld als deeltjes met een kleurlading een interactie met elkaar hebben.

Als twee quarks een gluon uitwisselen, zal hun kleurlading daardoor veranderen. Het gluon draagt een anti-kleurlading om te compenseren voor het veranderen van de kleurlading van beide betrokken quarks. Omdat gluonen zelf een kleurlading hebben, kunnen zij ook met andere gluonen uitwisseling vertonen. Dit maakt de wiskundige analyse van de sterke kernkracht erg ingewikkeld en moeilijk (3).

Zonder veel verstand te hoeven hebben van kwamtumdynamica lijkt het vooralsnog redelijk om te veronderstellen dat er in ieder geval een relatie is tussen deze kwantumdeeltjes die ‘gluonen‘ worden genoemd en kleuren. Veel meer is er niet nodig om de volgende stap te kunnen zetten.

GLUONEN, INFORMATIE EN DE AURA

Bij de continue afbraak van die minimaal 45 kilogram ATP per dag komt veel energie vrij, waarvan een deel zich manifesteert als subatomaire kwantumdeeltjes die ‘gluonen’ worden genoemd. Gluonen hebben een bijzonder vermogen, namelijk het vermogen om ‘kleurinformatie‘ te dragen. Het is in mijn ogen dan ook redelijk om te spelen met het idee dat deze gluonen de bouwstenen vormen van onze aura.

De mensen die in staat zijn om aura’s waar te nemen spreken vaak over allerlei kleuren en een dynamische energetische wolk om het lichaam heen. Stel je eens voor dat het mogelijk zou kunnen zijn dat bij de grote productie van deze ‘gluonen’ ook steeds informatie wordt meegenomen, of ingeprent die iets zegt over ons, en dan wel over alles wat we zijn: onze lichamelijke toestand, maar ook onze geestelijke en emotionele situatie.

VOORLOPIGE AFRONDING

In latere artikelen wil ik graag het gedachtegoed van T.C. Kuipers – van den Bos verder uitwerken om meer inzicht te krijgen over het mogelijk ‘nut’ van dit systeem. Wat gebeurt er met die informatie die door de gluonen wordt vastgehouden? Is er wellicht ook sprake van twee-richtingsverkeer? Is er misschien een link met ons D.N.A., ons geheugen en morfogenetische velden?

VOETNOTEN

(1) http://edepot.wur.nl/15369 (de illustratie van ATP is afkomstig uit dit document)
(2) http://nl.wikipedia.org/wiki/Adenosinetrifosfaat
(3) http://nl.wikipedia.org/wiki/Gluon
(4) http://newscenter.lbl.gov/feature-stories/2010/01/14/jet/

Hartcoherentie en het gebruik van Hartparels

INTRODUCTIE
Al eerder schreef ik over hartszaken (1,2) binnen deze noëtische verkenningssite. Binnen het Heart-Math Institute wordt veel onderzoek verricht naar de bijzondere kenmerken die het hart heeft in ons lichaam-geest complex. In deze bijdrage wordt gesproken over wat ik zelf zou willen dopen als ‘hartparels’ en wat deze hartparels voor effecten kunnen hebben.

HARTCOHERENTIE
In een samenvatting van het wetenschappelijke werk van het Heart-Math Institute (3) speelt het verschijnsel hartcoherentie een belangrijke rol. Je kunt spreken over coherentie op verschillende niveaus. Zo spreekt het Heart Math Institute over coherente gevoelens zoals ‘liefde’ of ‘waardering’ in tegenstelling tot woede, frustratie en angst. Ook wordt er over coherentie gesproken als de zojuist genoemde coherente gevoelens leiden tot coherentie van het hart met andere lichaamssystemen zoals de ademhaling en de hersenen.

HARTPARELS
In het voorgaande artikel (2) sprak ik over het verschijnsel dat naarmate het hart meer hartslagvariatie heeft, het eigenlijk gezonder, meer parasympathisch en daardoor eigenlijk ook coherenter is. Zodra dat zogenaamde parasympathische systeem meer is geactiveerd wordt het immuunsysteem ook sterker met de productie van allerlei helende hormonen als gevolg (4, 6). Onderzoek toont bovendien aan dat je geest ook scherper wordt in een dergelijke coherente toestand.

Het wonderlijke aan het concept van hartcoherentie is wel dat je zelf een actieve rol kunt spelen in het activeren van een dergelijke toestand. Een van de methodes die je kunt inzetten is het gebruik van hartparels. Ik zou een hartparel willen definiëren als een herinnering aan een aangenaam hartsgevoel. Deze hartparel kan worden opgewekt door simpelweg deze herinnering in je systeem op te halen en te reactiveren. Met andere woorden: door terug te denken aan een mooi gevoel van bijvoorbeeld liefde, compassie, waardering of vergeving (5) kan ook het bijbehorende gevoel opnieuw beleefd worden, met alle bijbehorende positieve lichamelijke gevolgen.

HARTPARELS VERZAMELEN EN KOESTEREN
Als je eenmaal weet dat dergelijke hartparels weldadig zijn voor jezelf is het niet meer dan logisch om deze te gaan verzamelen en te koesteren als ware het echte waardevolle parels of diamanten. Er zijn meerdere manieren om de hoeveelheid te gebruiken hartparels uit te breiden. Zo zou je jezelf kunnen leren meer bewust te worden van de hartparels die je in het normale dagelijkse leven ervaart. Ik heb mezelf aangeleerd deze parels van hartsmomenten te noteren in mijn agenda.

Een andere methode is om tijdens een meditatie jezelf af te stemmen op al die momenten in je verleden dat je hartschoonheid hebt ervaren en die te noteren, zodat je ze later beter kunt inzetten. Daarnaast kun je ook bewust jezelf voornemen om zelf hartparels te scheppen door meer vanuit je hartsbewustzijn om te gaan met de mensen om je heen. In een van de komende artikelen zal ik uitgebreider ingaan op de mogelijkheden die het flexibel kunnen oproepen van dergelijke hartparels kunnen hebben in je leven.

VOETNOËTEN
(1) https://noetiek.wordpress.com/2011/04/29/hartscommunicatie-eerste-verkenningen/
(2) https://noetiek.wordpress.com/2011/10/16/de-hartritme-variatie-golven-van-het-hart/
(3) http://www.heartmath.org/research/science-of-the-heart/introduction.html – Op deze site kun je gratis de pdf van deze introductie downloaden. De tekst is overigens ook on-line in zijn geheel te lezen.
(4) In een engelstalig artikeltje speel ik wat met een voorbeeld hiervan, namelijk DHEA – Zie voor meer informatie het betreffende artikeltje op: http://introspectiveinternet.yolasite.com/introspective-internet-articles/from-the-dea-to-the-immune-system-boosting-dhea-and-heart-coherence
(5) In het werk van the EventTemples wordt er gesproken over de zes ‘hart-deugden’ die allen het hart in een coherentere toestand kunnen brengen. Lees hiervoor de gratis pdf getiteld ‘Living from the Heart’ wat je kunt vinden op:  http://eventtemples.com/downloads/pdf/Living_from_the_Heart_%28e%29.pdf
(6) In een bijdrage op de site ‘Boekengedachten’ wordt aandacht besteed aan de stress/hypothalamus-pituitary-andrenalgland-as en hoe dat biologisch werkt. Kijk daarvoor eventueel op: http://boekengedachten.yolasite.com/artikelen/effecten-van-stress-op-ongeboren-kind-tijdens-zwangerschap-en-de-hpa-as

De Hartritme Variatie Golven van het Hart

In eerdere artikelen hebben we gesproken over de golven van de hersenen (1) en van het menselijk energieveld (2) en hun relatie met bepaalde bewustzijnstoestanden. In deze bijdrage wordt aandacht besteed aan de ‘golven’ van het hart.

Het hart lijkt een bijzondere plek in het geheel van het menselijk bewustzijn in te nemen. Niet alleen kun je dat ervaringsgewijs constateren door de gevoelens die je vanuit je hartstreek kunt ervaren, maar ook wetenschappelijk ontstaan er steeds meer bewijzen voor de grote rol van het hart. Het hart is allang niet meer die stevige spier die niets meer is dan een pomp die het bloed door onze aderen stuwt.

DE ‘GOLVEN’ VAN HET HART
Laten we beginnen met het beschrijven van de verschillende frequentiegebieden of golven van het hart. Zoals we bij de hersenen een onderscheid kunnen maken tussen verschillende golven (beta, alpha, theta, delta,  (1)), is dat ook mogelijk bij het hart. Ik baseer me bij deze indeling op het werk van het Heart-Math Institute (3) die een 70-pagina-tellende introductie heeft geschreven van hun werk (4).

Zij werken met wat zij ‘Heart Rate Variability‘ noemen, wat een indicatie is voor de veranderingen in de hartritme van hartslag tot hartslag. In de figuur hiernaast kun je hiervan een voorbeeld zien.

Het blijkt dat een gezond hart NIET een regelmatig hartritme, maar juist een onregelmatig hartritme heeft. De metafoor die je hierbij als steun kunt gebruiken is die van een bokser tijdens een bokswedstrijd, waarbij hij steeds onregelmatig aan het bewegen is, om in staat te zijn een eventuele klap goed te kunnen pareren. Een gezond hart is dan ook in staat steeds een soort dansende variatie in het hartrtime te houden.

Als het hart in stress is (en het zogenaamde sympatische deel van het autonome zenuwstelsel actief is) is er weinig hartritme-variatie te bespeuren (als een bokser die als een wilde in hetzelfde tempo aan het rammen is), en zodra de stress weg is, ontstaat er juist weer meer hartritme-variatie (als het parasympathische systeem weer de overhand neemt).

Het sympatische deel kenmerkt zich door een snelle hartslag (met weinig hartritmevariatie) een hoge bloeddruk,  cortisolproductie en een afname in energie voor het immuunsysteem en de spijsvertering. De tegenhanger hiervan, het parasympatische systeem, kenmerkt zich door een rustigere (met veel hartritmevariatie) hartslag,  volop aandacht voor het immuunsysteem (DHEA/S-Iga-productie) en de spijsvertering.

Als je in rust verkeert klopt je hart rustiger, maar tegelijkertijd is er dus wel veel meer hartritme-variatie, waardoor je hart als het ware juist weer actiever is, maar dan op een manier die het hart en het gehele lichaam zelf meer plezier lijkt te geven. Hoe meer hartritme-variatie je kunt activeren, des te gezonder lijkt het zijn voor je algehele welbevinden. Hoe meer ‘dansende variatie’ de bokser heeft tijdens de wedstrijd hoe beter.

Deze benadering – die ik toch enkele keren moest nalezen voordat ik hem helemaal begreep – biedt interessante onderzoeksmogelijkheden. De ‘Hart Ritme Variatie’ kan namelijk worden gemeten en worden weergegeven in diagrammen die het mogelijk maakt om te zien hoe ‘gezond variabel ritmisch’ het hart is. In andere artikelen binnen deze site zal ook meer aandacht worden besteed aan de onderzoeken die via dit concept zijn uitgevoerd.

In een zogenaamde Power Spectrum Diagram (onderste deel illustratie hiernaast) kun je zien hoeveel hartritme-variatie het hart heeft. Hierbij wordt ook een onderscheid gemaakt in verschillende soorten golven.

VLF (Very Low Frequency): van 0,0033 tot 0,04 Hz (vooral sympathisch systeem)
LF (Low Frequency) : rond 0,1 Hz (mix van sympathisch en parasympathisch)
HF (High Frequency): van 0,15 tot 0,4 Hz (vooral parasympatisch systeem)

 

 

VOETNOTEN

(1) https://noetiek.wordpress.com/2010/01/17/meer-bewustzijn-met-minder-hersenactiviteit/
(2) https://noetiek.wordpress.com/2010/02/23/frequenties-van-het-energieveld/
(3) Buiten Drones, Casino Kapitalisme, Financiële massavernietigingswapens en Militaire inmengingen biedt de VS gelukkig ook andere zaken aan de wereld aan, zoals het Heart-Math Institute uit Californië.
(4) http://www.heartmath.org/research/science-of-the-heart/introduction.html – Op deze site kun je gratis de pdf van deze introductie downloaden. De tekst is overigens ook on-line in zijn geheel te lezen.

Geestelijk Piano Spelen verandert de Hersenen alsof je Werkelijk Speelt

Via het uitermate interessante werk van Nicholas Carr (1) kwam ik terecht op het onderzoek van Pascual-Leone en zijn collega’s dat in 1995 en 1996 is uitgevoerd (2). Zij hebben experimenten opgezet om te kijken naar de mate van neuroplasticiteit die onze hersenen hebben: met andere woorden hoe flexibel en plooibaar zijn onze hersenen?

Zij hebben proefpersonen vijf dagen achtereen twee uur per dag een bepaald muziekstukje laten spelen met één hand. Al na 3 dagen was via de TMS-methode (4) zichtbaar te maken dat de hersendelen die verband hielden met de muziekspelende hand zich hadden aangepast, terwijl dat niet het geval was in het deel van de hersenen dat in ‘connectie’ stond met de andere hand.

Op zich is dit al interessant, maar wat vanuit een noëtisch oogpunt vooral interessant is, is dat er ook een groep proefpersonen was gevraagd om de piano in het geheel niet aan te raken, maar alleen in gedachten het muziekstukje te spelen. Het fascinerende van het onderzoek was dat er ook een gelijksoortige aanpassing was in het hersendeel dat gekoppeld is aan de rechterhand! Dus, ook al speel je helemaal niet, en verbeeld je je slechts dat je speelt, toch creëer je haast dezelfde hersenveranderingen alsof je werkelijk speelt.

In deze figuur afkomstig uit het onderzoek van Pascual Leone (2, p.381) kun je mate van hersenverandering zien: hoe groter het zwarte deel hoe groter de verandering. De bovenste rij geeft de effecten weer van degene die daadwerkelijk fysiek met een hand geoefend hebben met het spelen van de piano met één hand, en de onderste rij geeft die effecten weer van degene die alleen in verbeelding gespeeld met die bepaalde hand. Zoals je ziet zijn de effecten nagenoeg hetzelfde.

DISCUSSIE

Dit onderzoek biedt een interessante ingang voor een aantal noëtische vragen: hoe is het mogelijk dat je hersenen zich aanpassen door alleen je hersenen te gebruiken (in het geval van het verbeelden)? In hoeverre is dit werkelijk mogelijk, of dient er wellicht toch ruimte gemaakt te worden voor het idee dat ons bewustzijn méér is dan alleen onze hersenen? Zou het immers niet ons (niet-fysieke) bewustzijn zijn die in staat is om haar invloed te doen laten gelden in onze fysieke hersenen? Zou Descartes misschien niet eens zo gek geweest zijn met zijn beschrijving van de mens bestaande uit een geestelijk en niet-geestelijk deel? (5)

—————————————-

VOETNOTEN (3)

(1) Zie voor meer over Nicholas Carr zijn recente boek: Het Ondiepe, hoe onze hersenen omgaan met Internet (2011) op bol (http://www.bol.com/nl/p/nederlandse-boeken/het-ondiepe/1001004010207647/index.html#product_overview)

(2) Ik heb gebruik gemaakt van een review-artikel dat in 2005 is geschreven door Pascual Leone en terug te vinden is op: http://brain.huji.ac.il/publications/Pascual-Leone_Amedi_et%20al%20Ann%20Rev%20Neurosci%2005.pdf

(3) In het kader van de bestrijding van overmatig hyperlinkgebruik – wat het contemplatieve noëtische zijn niet ten goede komt – gebruik ik niet alleen weer die ouderwetse voetnoten, maar ook moeten mensen als ze echt geïnteresseerd zijn in andere link ook zelf de URL selecteren en plakken in de browser. Dat geeft ook weer een moment vertraging en bovendien een bewuster overgangsmoment van de ene bron van informatie naar de volgende.

(4) TMS staat voor Transcraniale Magnetische Stimulatie. Deze techniek wordt soms ook experimenteel toegepast in de geestelijke gezondheidszorg; op http://psychoseanders.wordpress.com/2009/04/14/tms-bij-schizofrenie/ kun je meer over TMS lezen en tevens over ideeën om het toe te passen bij mensen die stemmen horen.

(5) http://boekengedachten.yolasite.com/artikelen/dubieuze-descartesspot-van-dijksterhuis-in-het-slimme-onbewuste