Archive for the ‘Realiteiten Uit-rekken’ Category

Het Gevoel Buiten je Lichaam Aangeraakt te Worden – onderzoek door prof. Olaf Blanke

olaf-blanke-zelf-nb25Een tijdje terug werd ik gewezen op interessant onderzoek van professor Olaf Blanke (zie afbeelding links, 1). Deze wetenschapper doet o.a. onderzoek naar wat hij ‘cognitieve neuroprotheses‘ noemt, wat je zou kunnen definiëren als ‘het plaatsen van je bewustzijn’ in iets kunstmatigs, zoals een kunstledemaat, waardoor je denkt dat iets buiten jezelf toch tot jezelf behoort.

Hij meent zelfs een verklaring te bieden voor buitenlichamelijke ervaringen. In deze bijdrage een beschrijving van een onderzoek en enkele bespiegelingen rondom de vermeende link met buitenlichamelijke ervaringen zoals die zijn beschreven door Robert A. Monroe.

HET EXPERIMENT: NAAR JE EIGEN RUG KIJKEN TWEE METER VOOR JE

In een youtube-video (2) op het kanaal van the New Scientist legt de heer Blanke zelf de opzet uit van een experiment. In dat experiment wordt een proefpersoon voorzien van een virtueel apparaat dat over de ogen wordt geplaatst. De proefpersoon ziet door deze ‘bril’ de beelden die gelijktijdig worden opgenomen door een camera die achter haar draait. De instellingen zijn zo dat het net lijkt alsof ze naar haar eigen rug kijkt, en wel zo’n kleine twee meter voor haar (zie afbeelding hieronder).

Kijken naar hoe je eigen rug wordt aangeraakt

Kijken naar hoe je eigen rug wordt aangeraakt (screenshot van 2)

Vervolgens werd de proefpersoon over de rug aangeraakt. Het bijzondere was dat na korte tijd er het gevoel ontstond alsof de persoon niet zozeer iets op haar rug voelde, maar eerder het gevoel had dat ze twee meter voor haar werd aangeraakt.

Toen ze vervolgens – nog altijd geblinddoekt – door de experimentator een stukje naar achter werd begeleid, en toen terug moest lopen naar de plek waar ze stond, bleek ze verder te lopen dan waar ze stond, alsof ze zich dermate met dat beeld van die rug had geïdentificeerd dat het bijna een stukje van haarzelf was geworden. Je kunt meer lezen over dit experiment op de site van The New Scientist (3).

VERKLARING VOOR BUITENLICHAMELIJKE ERVARINGEN?

Tot mijn verbazing hoorde ik professor Blanke ook op basis van zijn onderzoeken de suggestie lanceren dat hij hiermee op een of andere manier ook een verklaring kon bieden voor de buitenlichamelijke ervaringen die mensen kunnen hebben als ze bijvoorbeeld tijdens een operatie buiten hun lichaam zweven en bijvoorbeeld hun eigen lichaam zien. Hij noemt deze link met de buitenlichamelijke ervaringen ook tijdens een TedX-lezing (4).

Screenshot Buitenlichamelijke Ervaring uit Video (2)

Screenshot Buitenlichamelijke Ervaring uit Video (2)

Het lijkt mij dat het soort ‘partiële bewustzijnservaringen’ buiten je lichaam zoals deze worden geïnduceerd door de experimenten van Blanke van een geheel andere orde zijn dan de buitenlichamelijke ervaringen, en de bijna-dood ervaringen zoals deze o.a. door Robert Monroe en de vele patiënten van Pim van Lommel (5) zijn beschreven.

Het feit dat je je bewustzijn buiten je lichaam kunt ervaren op de manier van Blanke is in mijn ogen wezenlijk anders dan de bekende buitenlichamelijke ervaringen. Het grootste verschil lijkt me dat de personen bij Blankes experimenten in feite hun zintuigen voor de gek houden. Ook al lijkt het misschien heel echt, het bewustzijn is niet werkelijk twee meter voor zich. Als dat immers wél zo zou zijn dan zou het bewustzijn zich ook moeten kunnen omdraaien en de voorkant van de proefpersoon kunnen zien. Ook zou de proefpersoon – in dit geval – ook met zijn neus voor het doek staan. Het zou pas werkelijk bewustzijn zijn, als er bijvoorbeeld twee meter voor haar iets kleins werd neergezet, nádat de virtuele bril werd opgezet, en dat deze persoon dat dan ook zou kunnen waarnemen.

Het ‘foppen’ van het bewustzijn in de experimenten van Blanke is niet te vergelijken met de bijzondere buitenlichamelijke ervaringen waarin het ik-perspectief ook daadwerkelijk ACTIEF aanwezig is, in die zin dat er wordt waargenomen vanuit dat andere perspectief, dat er soms vanuit andere kamers wordt waargenomen dan waar het lichaam zich bevindt, zoals Monroe en bijvoorbeeld Moorjani (6) dat beschreven.

Hoe kan Blanke verklaren dat er informatie wordt waargenomen (zoals informatie die zich bovenop een lamp in de operatiekamer bevond) terwijl het lichaam met gesloten ogen op bed ligt? Laat staan dat Blankes experimenten een verklaring kunnen bieden voor de rijkdom aan ervaringen die Monroe beschrijft in zijn boeken. Het voor de gek houden van het bewustzijn is van een geheel andere orde dan het werkelijk verplaatsen van het bewustzijn.

UITREIKEN VAN DE GEEST

Eerder binnen dit noëtische project hebben we stilgestaan bij de theorie van het bewustzijn dat zich kan uitreiken en daadwerkelijk invloed kan uitoefenen op datgene waar het zich op richt (7). Het is interessant om eens stil te staan bij wat de mogelijkheden zijn van het ‘foppen’ van het bewustzijn zodanig dat dit bewustzijn ook daadwerkelijk mogelijkerwijs invloed gaat uitoefenen op het object waar het zich op richt.

Stel je eens voor dat we wellicht onze werkelijkheid om ons heen steeds opnieuw opbouwen en in stand houden door ons bewustzijn erop te richten, gelijk neuronenverbindingen intact blijven of zich versterken door aandacht, en dat we door ons bewustzijn te foppen ook mogelijkerwijs deze ‘scheppende’ potentie kunnen inzetten zodat het bewustzijn daadwerkelijk iets gaat ‘scheppen’ dat hij meent te zien.

Een interessante suggestie voor verder onderzoek zou zijn om een twintigtal mensen in een kring naar een centraal punt in het midden te laten kijken, terwijl ze allemaal een virtuele bril op hebben waarbij ze allen hetzelfde zien. Als het bewustzijn werkelijk een scheppende potentie zou hebben dan zouden andere mensen – zonder bril, maar wel met een grote gevoeligheid – wellicht datgene kunnen gaan waarnemen wat door de andere proefpersonen wordt geschapen door hun gezamenlijk bewustzijn.

NOTEN

(1) Afbeelding afkomstig van youtube video waarin prof. Olaf Blanke spreekt tijdens een zogenaamde TedX-lezing. Deze video is in juni 2012 geplaatst en terug te zien bij Tedx Talks.

(2) Screenshot uit youtube-video van het kanaal van the New Scientist.

(3) Out of Body Experiences are ‘all in the mind’

(4) Tedx Talks, zie vanaf 14’30” tot 15’20”

(5) Lommel, P. van (2007) Eindeloos Bewustzijn. Kampen: Ten Hage.

(6) Moorjani, A. (2012) Ik moest doodgaan om mezelf te genezen. Houten: Mana.

(7) Aanraken met je Geest

En dan nu…een Sprookje

Ooit heel lang geleden leefde er op aarde supermensen. Nee, niet van die mensen met blauwe pakken, en rode capes en laarzen, maar mensen die er gewoon zo uitzagen zoals wij nu. Het enige verschil in uiterlijk betrof hun lengte: ze waren namelijk gemiddeld zo rond de 3 meter. Deze mens die wij Homo Superius zouden kunnen noemen was echter wel bijzonder op talrijke andere vlakken.

fall-of-ashes-kb282Zo hadden ze vele vaardigheden die bij ons volledig zijn ondergesneeuwd geraakt. Laat ik er eens enkele noemen zoals het vermogen om elkaars gedachten te lezen. Telepathie was namelijk een van de normaalste zaken. Een logische consequentie daarvan was dat het niet echt zin had om leugens te verkopen: zoiets werd natuurlijk door iedereen onmiddellijk doorzien. Dat maakte de samenleving destijds een erg prettige: mensen waren een open boek voor de mensen om hen heen. Corruptie, afluistersystemen en spionage waren compleet zinloos.

Deze mensen hadden ook een veel sterkere band met elkaar en met de natuur. Voor hen was de natuur meer dan een plek om af en toe in te wandelen of tijdens vakanties te zijn. De natuur was voor hen een database aan informatie, die hen in staat stelde om contact te leggen met alle hoeken van het universum.  Zij hielden ook veel van spel en één van de favoriete spellen was wel het tijdelijk ‘worden’ van een dier. Zo kon je even een adelaar zijn, of een hagedis, een mier of een dolfijn.

Daarnaast werd er ook naar hartelust gereisd naar andere werelden via wat men destijds teleportatie noemde: het middels bewustzijn transporteren van je lichaam naar een andere plek. Er waren toen ook de nodige vriendschappelijke relaties met andere mensensoorten op andere werelden.

Om energie hoefden zij zich ook al niet druk te maken omdat ze een techniek hadden ontwikkeld die hen in staat stelde om in te tappen op wat wetenschappers nu het ‘nulpuntsveld’ beginnen te noemen. In principe hoefden zij ook niet te eten, omdat ze op dezelfde manier de energie uit het veld konden halen. Velen deden het echter toch omdat het gewoon ook een heerlijke manier was om te genieten van het aardse bestaan.

En genieten dat vonden ze toen erg belangrijk: zo vonden ze het heerlijk om elkaar aan te raken en werd er ook veel vrijer met seksualiteit omgegaan dan momenteel. Liefde was een groot goed.  Zij hadden de mogelijkheid om de teleportatietechniek te combineren met seksualiteit waardoor een diepere staat van genotzalige verbinding mogelijk werd.

Omdat mensen zo nauw waren verbonden met hun omgeving en de natuur kwamen ziektes ook niet voor. De mensen leefden veel langer dan wij nu, en stierven alleen wanneer ze klaar waren voor een andere ervaring. Ze lichtten hun omgeving in en via meditatie stapten ze dan uit hun lichaam. Ook was toen de verbinding met hen die overleden waren niet meer dan normaal. Voorouders werden regelmatig ingeschakeld en geraadpleegd.

pilaar-wordt-stam-kb229Ook was creativiteit en scheppingskracht een wezenlijk onderdeel van die samenleving: kunst en schoonheid stonden in hoog aanzien. De mensen van toen hadden ook de vaardigheid om hun gedachten te laten stollen, wat inhield dat ze in staat waren om de trilling van hun gedachten zo te verlagen dat het de trilling van materie kon aannemen: zo konden ze materie scheppen.

De meesters uit die tijd konden zelfs levende wezens tot leven denken op deze manier. Daar hadden ze geen microscopische technieken voor nodig: hun scherpe, goed-getrainde geest was voldoende.

De hogepriesters uit die tijd voelden echter aan hun water dat die periode waarin ze leefden ook eindig was. Ze wisten dat er een tijd van duisternis aan zou treden en na lang beraadslagen en experimenteren konden ze er alleen voor zorgen dat er ooit in de verre toekomst een mogelijkheid zou komen voor de mensen die dan zouden leven om zich te herinneren hoe het toen was.

Ze bouwden een geavanceerd tijdmechanisme in hun genen die geactiveerd zou worden zodra het klimaat er weer juist voor zou zijn. Ze hadden deze informatie nog maar net verstopt in de genen van alle mensen die er toen waren toen er 33 vulkanen tegelijkertijd uitbarstten en de aarde in grote duisternis wierpen. De mensen verloren door deze omstandigheden snel hun vermogens en reeds enkele generaties later leken de vaardigheden van weleer al legendes uit de verre oudheid.

Het duurde niet lang of de mensen waren dermate gedeëvolueerd dat ze al snel nog slechts het bewustzijnsniveau hadden dat veel lijkt op dat niveau dat wij nu nog altijd hebben.

Voor degenen die zich aangesproken voelen tot dit sprookjes en zich willen inzetten om een vervolg te scheppen, adviseer ik contact op te nemen via de contactpagina.

De Mogelijke Terugtijdende Invloed van het Bewustzijn op Materie – Rupert Sheldrake en Alfred N. Whitehead

Ondanks al het dogmatisch materialisme dat momenteel hoogtij viert in de wetenschapsbeoefening schijnt er toch af en toe licht door de scheuren, waardoor een nieuw terrein en een andere realiteit zichtbaar wordt. Dit huidige artikel poogt een bijdrage te leveren aan dit proces door te beginnen met het introduceren van enkele nieuwe woorden in de Nederlandse taal. Het is de vraag of deze woorden even populair worden als het swaffelen, maar laten we hopen dat ze  zich langer in de tijd kunnen handhaven.

Relative Time van Gil Bruvel (1)

Relative Time van Gil Bruvel (1)

De woorden die hier voor het eerst het daglicht zien, zijn het werkwoord ‘terugtijden‘, het bijvoeglijke naamwoord en het bijwoord ‘terugtijdend‘ en bovendien kan er vanaf begin juni 2013 zinvol gesproken worden over het verschijnsel van de terugtijding.

THE SCIENCE DELUSION VAN RUPERT SHELDRAKE

De inspiratiebron voor de invoering van de nieuwe terugtijdterminologie is het boek ‘The Science Delusion‘ (pp. 120-122) van Rupert Sheldrake. We hebben het al eerder over deze Britse baanbrekende wetenschapper gehad (2,3). Via het gedachtegoed van de natuurkundige/filosoof/wiskundige Alfred North Whitehead, het onderzoek van Benjamin Libet en de logische consequenties van het kwantumgedachtegoed ontstaat een manier van denken waar mijn hersenen even van moesten kraken (4), maar die wel kan leiden tot nieuwe vergezichten. In deze bijdrage ga ik eerst in op Alfred North Whitehead. In komende artikelen komt Benjamin Libet meer onder de aandacht.

ALFRED NORTH WHITEHEAD

alfred-north-whitehead-nb17De in 1861 in het Britse Kent geboren, en in 1947 in het Amerikaanse Massuchesetts overleden Alfred North Whitehead was niet alleen een natuurkundige, maar ook een wiskundige en filosoof. Sheldrake haalt hem in zijn boek aan als een man die bekend stond vanwege zijn moeilijk te doorgronden theorieën, waarin elementen als Tijd en Materie een belangrijke rol speelden.

Voor de strekking van het huidige artikel is het niet nodig om uitgebreid in te gaan op de vele aspecten van zijn gedachtegoed. Whitehead was een tijdsgenoot van de eerste generatie kwantumfysici en volgens Sheldrake was hij ook één van de eerste die de radicale implicaties ervan verwerkte in zijn theorie.

Voor ons is vooral zijn theorie over de relatie tussen tijd, bewustzijn en materie van belang. Hij stelt dat tijd de schakel vormt tussen bewustzijn en materie. Hierbij komen ze elkaar als het ware halverwege tegen. Materie (of materiële causatie) kenmerkt zich door een beweging vanuit het verleden naar het heden.

Bewustzijn (of mentale causatie) zou echter juist andersom werken. In de zin dat onze aandacht zich richt op iets dat gebeurd is. Alsof het als het ware een beweging vanuit het heden naar het verleden maakt. Hij gebruikte daarvoor de term ‘prehension‘, wat zoveel betekent als ‘grijpen, vastpakken’. Alsof het bewustzijn iets grijpt en daardoor ook invloed uitoefent op datgene wat het ‘grijpt’, en wel een terugtijdende invloed.

Uit de kwantumfysica kwam de ontdekking van het zogenaamde ‘waarnemerseffect‘ (5), wat je in lekentermen zou kunnen uitleggen als het verschijnsel dat als iemand – een natuurkundige bijvoorbeeld – zijn aandacht richt op de kwantumfysische wereld, zijn verwachtingen invloed hebben op datgene wat hij uiteindelijk ziet. Zoals een geest een ander mens kan ‘raken’ (6), zo lijkt het ook dat mentale aandacht een terugtijdende invloed kan uitoefenen op de materie.

DISCUSSIE EN ENKELE REFLECTIES

Stel je eens voor dat ons denken, ons bewustzijn inderdaad een terugtijdend effect zou hebben op de materie om ons heen. Dat het wellicht een natuurlijk verschijnsel is dat wij in staat zouden zijn om met ons bewustzijn dingen in het verleden in de materie te scheppen, om het vervolgens even later in het heden ook daadwerkelijk te zien. We hebben het dan niet over het scheppen van een vrachtwagen over een periode van enkele maanden, maar over kleinere invloeden over een periode van millisecondes.

In een nader artikel pakken we het onderzoek van Benjamin Libet erbij waardoor het domein van de hersenen aan het geheel wordt toegevoegd. Wat als zou blijken dat ons bewustzijn terugtijdend ook hersenactiviteit kan creëren, die we dan vervolgens even later tegenkomen?

De betekenis van het woord terugtijden is dan ook dat het bewustzijn in staat is invloed uit te oefenen op materie in het verleden, waarbij wordt gespeeld met de mogelijkheid dat het een basisprincipe zou kunnen zijn van het bewustzijn om terugtijdse invloed uit te oefenen op de materiële wereld.

NOTEN

(1) http://www.liveinternet.ru/users/pmos_nmos/post77521997/
(2) https://noetiek.wordpress.com/2013/05/11/aanraken-met-je-geest/
(3) https://noetiek.wordpress.com/2010/06/22/het-vermengen-van-morfogenetische-velden/
(4) https://noetiek.wordpress.com/2013/05/21/bepaalde-hersengebieden-activeren-als-afstemmingsmechanisme/
(5) http://www.bol.com/nl/p/het-experimentator-effect/9200000002831896/#product_overview
(6) https://noetiek.wordpress.com/2013/05/11/aanraken-met-je-geest/

Aanraken met je Geest

Het tempo van de noëtische verkenningen ligt het laatste jaar niet al te hoog. Een grote factor hierin zijn verkenningen op andere, meer aardse vlakken. Desondanks zou er zomaar weer eens een opleving in het verschiet kunnen liggen aangezien ik de laatste tijd toch weer wat meer mijn geest begin af te stemmen op deze fascinerende onstoffelijke materie.

Het aanraken met de geest

Het aanraken met de geest

De aanleiding voor het huidige artikel is een combinatie van een recente presentatie van Rupert Sheldrake (1) en een interessant boek/documentaire van Renée Scheltema, ‘Iets onbekends doet iets onverwachts‘ (2).

In januari 2013 heeft de noëtische bioloog Rupert Sheldrake een lezing gegeven in New Mexico. Hij sprak daar onder andere over zijn recente boek ‘The Science Delusion‘, waarin hij tien aannames van de moderne wetenschap op de hak neemt (3). Tijdens die lezing bekritiseert hij de huidige wetenschap. Hij zegt dat ze erg dogmatisch zijn in datgene wat verkend mag worden, en wat niet. Als iets buiten het normale, algemeen aanvaarde wetenschappelijke dogmatische realiteitskader valt, wordt er van alles in het werk gezet om die wetenschappers te ontmoedigen.

Gelukkig zijn er nog wetenschappers zoals Sheldrake die wel nog vrij durven te denken en te schrijven over de vele  gebieden grenzend aan, en de scheuren in, de huidige wetenschappelijke constructies. Zo noemt hij terloops de mogelijkheid dat we in de wetenschap – en daarmee ook in ons algemene wereldbeeld – erg geneigd zijn om te denken dat we met onze aandacht alleen informatie van buiten kunnen verwerken.

Via onze zintuigen richten we onze aandacht op iets en daarmee komen we iets te weten over dingen buiten onszelf. Als we kijken naar een appel dan weten we dat er licht weerkaatst wordt via de appel zodat wij het kunnen zien. In het donker zien we geen appel. We weten ook dat we in het donker wel een drol kunnen ruiken, maar we weten ook dat we niets zullen ruiken als er een glazen bak om die drol heen gebouwd zou zijn.

Het zien van Appels - eenrichtingsverkeer of misschien toch tweerichtingsverkeer? (bron: Vladimir Kush (4))

Het zien van Appels – eenrichtingsverkeer of misschien toch tweerichtingsverkeer? (bron: Vladimir Kush (4))

Met andere woorden: voordat wij iets kunnen waarnemen dient er eerst iets naar ons toe te komen, dat kunnen elektromagnetische golven zijn, dan kunnen geluidsgolven zijn, geurtjes etc. De interessante suggestie die door Sheldrake werd geopperd was: zou het ook niet zo kunnen zijn dat er sprake is van een tweerichtingsverkeer? Dat wij met onze aandacht ook het voorwerp ‘aanraken’ dat we bekijken?

Hij heeft daar zelf veel onderzoek naar gedaan. We kennen allemaal wel die typische gewaarwording dat je ‘voelt’ dat er iemand naar je kijkt. Altijd leuk om zelf eens te proberen: staar maar eens naar iemands rug, en de kans is redelijk groot dat die persoon zich zal omdraaien. Sheldrake heeft ook wetenschappelijk aangetoond dat mensen veel vaker reageerden op staarders dan je op basis van toeval zou verwachten.

DEAN RADIN

In het boek van Scheltema (5) wordt een interessant experiment aangehaald dat is uitgevoerd door Dean Radin. Hij plaatste één proefpersoon in een ruimte en een andere in een andere ruimte, gescheiden door een zware deur die elektromagnetische straling tegenhoudt. De eerste proefpersoon zat vast aan allerlei meetapparatuur waardoor hartslag, huidgeleiding en hersengolven werden gemeten. Ook werd deze proefpersoon gefilmd.

In de andere ruimte kreeg de andere proefpersoon op bepaalde momenten de oprdracht om de aandacht te trekken van de eerste proefpersoon door aandachtig te kijken naar de monitor waar je de ‘live’ beelden kon zien van de andere proefpersoon.

Het boeiende resultaat van dit onderzoek was dat zodra die tweede persoon zijn aandacht richtte op die eerste persoon – via die monitor dus – het lichaam van de eerste persoon reageerde. Het werd minder ontspannen. Als je echter de eerste persoon vroeg of hij iets had gemerkt werd er steevast ontkennend geantwoord.

Dr. Dean Radin

Dr. Dean Radin

DEEPAK CHOPRA

Scheltema haalt nog een ander voorbeeld aan. Ze vertelde over een gesprek dat ze had met Arielle Ford (pp. 89-90). Zij werkt als publiciteitsagente voor diverse schrijvers. Op een bepaald moment kwam er een zeer aantrekkelijk aanbod van een beroemde talkshow in de Verenigde Staten voor een interview met Deepak Chopra. Dit was in de tijd dat mailen en mobiel bellen nog allemaal niet zo ingeburgerd was als momenteel. Chopra was net twee weken op vakantie in Afrika met zijn gezin en hij had gezegd dat hij niet bereikbaar zou zijn.

Er moest echter snel beslist worden over een bepaalde datum, anders ging de kans voorbij. Hieronder een citaat uit het boek van Scheltema, over wat er toen gebeurde:

Ik zei tegen de producer: “Oké, ik bel je over een kwartier terug.” Toen deed ik mijn ogen dicht er riep luidkeels: “Deepak, bel me!” Tien seconden later ging  de telefoon. Het was Deepak. Hij zei: “Waar heb je me voor nodig?” Ik vroeg hem hoe hij het wist. Hij antwoordde: “Ik wist het gewoon. Waar heb je me voor nodig?”

AFRONDENDE GEDACHTEN

Schijnbaar is het zo dat als wij naar iets of iemand kijken we niet alleen informatie ontvangen van die persoon of van dat voorwerp, maar dat wij – door onze aandacht te richten – ook iets ‘doen’ met datgene waar we onze aandacht op richten. Zo blijkt het lichaam het te registreren zodra iemand zijn aandacht op je richt, ook al bereikt die lichamelijke informatie lang niet altijd je bewustzijn.

Dit ‘aanraken’ met de geest roept ook herinneringen op aan het inmiddels algemeen aanvaardde ‘waarnemerseffect’ dat is voortgekomen uit onderzoek in de kwantumfysica. Alleen doordat een wetenschapper kijkt naar een experiment, beïnvloedt hij de uitkomst ervan.

Daarnaast kunnen bepaalde concepten uit het Anastasia-werk van Vladimir Megré vanuit een realistischer oog worden bezien. Zoals het concept van de ‘gedachteninbrenging’ (6) en de kracht van de blik (7). Ook kun je je afvragen wat er nu eigenlijk gebeurt als je denkt aan bepaalde personen, en zeker als je dat doet met een krachtige emotionele lading. Het wordt steeds waarschijnlijker dat het echt de aandacht is die ervoor zorgt dat de ander er iets van merkt, en daarbij lijkt afstand geen rol te spelen.

Onderzoek toont ook aan dat vooral mensen die gewend zijn te werken met aandacht via bijvoorbeeld meditatie, ook makkelijker in staat zijn dit soort signalen bewuster op te vangen. In het normale hectische leven van alledag is het misschien een stuk lastiger om je geest open te stellen voor dit soort prikkels.

Vrouw uit raam (8)

Vrouw uit raam (8)

NOTEN
(1) http://waterput.yolasite.com/english/rupert-sheldrake-on-science-s-delusional-belief-that-it-has-understood-the-nature-of-reality-in-principle
(2) http://www.bol.com/nl/p/iets-onbekends-doet-iets-onverwachts-dvd/9200000002159969/
(3) http://www.bol.com/nl/p/the-science-delusion/9200000006534444/
(4) http://www.youtube.com/watch?v=WgLiwWebz8M
(5) Zie p.102-104 van het boek dat in noot 2 wordt genoemd.
(6) https://noetiek.wordpress.com/2010/05/29/gedachteninbrenging-en-inspiratie/
(7) http://boekenbol.punt.nl/content/2010/07/strelende-blikken-en-kille-blikken
(8) http://www.flickr.com/photos/digndie/8671840686/in/explore-2013-04-22

Fotonische Communicatie – Een Alledaags Verschijnsel

De moderne ‘godin van de noëtiek’, Lynne McTaggart, heeft in 2011 een derde boek geschreven in haar wetenschappelijke bewustzijnsverkenningstocht. Na het Veld (2004) en het Intentie Experiment (2007) heeft ze opnieuw een krachtig inspirerend werk afgeleverd met daarin de inzichten uit de nieuwe baanbrekende wetenschappen: De Verbinding (The Bond).

In hoofdstuk 4 werd ik geraakt door een fascinerend verschijnsel dat ik hier ook nader onder de aandacht wil brengen. In eerdere boeken heeft McTaggart al eens uitgebreid geschreven over het werk van Fritz-Albert Popp (1, zie foto). Popp is de man die aan de wieg heeft gestaan van het onderzoek naar fotonenemissies die door het lichaam zelf worden gemaakt.

Zijn conclusie is dat het niet zozeer het DNA of allerlei biochemische processen zijn die de communicatie verzorgen in het lichaam, maar dat het vooral deze fotonen zijn die razendsnel het gehele lichaam informeren. Deze fotonenemissie zou ook huizen in het DNA zelf.

De toevoeging die McTaggart geeft in haar boek is dat Popp samen met andere wetenschappers ook heeft mogen ontdekken dat deze fotonische communicatie niet alleen plaatsvindt in het lichaam van een organisme, maar dat het ook plaatsvindt tussen organismen (of organismen en hun omgeving)!

Ik citeer een klein stukje omdat ik het zelf niet beter kan verwoorden:

Popp realiseerde zich dat hij het belangrijkste communicatiekanaal in organismen had ontdekt, waarin licht als medium voor ogenblikkelijke én non-lokale algemene signalering fungeert.

Ook constateerde Popp dat deze lichtemissies als een communicatiesysteem tussen twee of meer levende organismen functioneren. Bij experimenten met allerlei organismen, mensen incluis, ontdekte hij dat individuele organismen het licht van andere organismen absorberen en dan golfinterverentiepatronen terugsturen, alsof ze met het andere organisme ‘converseren’.

Zodra de lichtgolven van het ene organisme door het andere zijn geabsorbeerd, begint het licht van het eerste organisme in synchronie informatie uit te wisselen.” (p. 108, de Verbinding, 2)

Voetnoten

(1) Fritz-Albert Popp heeft ook meegewerkt aan de documentaire ‘The Living Matrix’ waar ik naar verwezen heb in een ander artikel: https://noetiek.wordpress.com/2010/08/19/etherische-ochtendgymnastiek/  De foto van Fritz-Albert Popp heb ik gevonden op: http://colorpunctureusa.org/Fritz_Albert_Popp.html

(2) Er wordt in het boek nog verwezen naar het oorspronkelijke werk van Popp. Voor de volledigheid noem ik dat hier ook nog: Popp, F.A., et al., ‘Mechanism of interaction between Electromagnetic Fields and Living Organisms’, Science in China (Series C) 43, nr. 5 (2000), blz 507-518.

De Meest Ruime Gedachte Ankeren

Binnen dit noëtische project is het Bewustzijn het belangrijkste gereedschap. Een van de doelstellingen van het project is het leren optimaliseren van de vermogens van het bewustzijn: hoe kunnen we het op zo’n manier aanwenden dat we ruimere gebieden kunnen verkennen en bereiken?

Minder Koorden met de Fysieke Wereld maakt het je Noëtisch Makkelijker

ONTHECHTING
Een van de hoofdfactoren is het meer en meer kunnen onthechten van de fysieke werkelijkheid. Dat kan vanzelfsprekend in allerlei gradaties, waarbij een algemene relativering van de zintuiglijke wereld erg behulpzaam kan zijn.

Als je minder energie steekt in de drama’s van het aardse leven heb je meer energie beschikbaar welke geïnvesteerd kan worden in het verkennen van andere lagen van de werkelijkheid.

GEDACHTENRUIS ONTSTIJGEN
Als je bereid bent het idee in je realiteit toe te laten dat we hier met zijn allen enorme hoeveelheden gedachtenruis produceren in de gedachtenether dan wordt het ook makkelijker om je te openen voor de mogelijkheid dat het een hele klus is om daar met je bewustzijn doorheen te breken.

Deze gedachtenverdichting of -vervuiling zou je je kunnen voorstellen als een donkere wolk die over de aarde heen hangt. Gelukkig is een goedgetrainde geest die samenwerkt met het hartsbewustzijn erg machtig waardoor ze door deze dichtheid kan heen breken.

Buiten de bovengenoemde materiële onthechting is het van belang om je hersenactiviteit te verlagen omdat het lijkt alsof minder hersenactiviteit gelijk staat aan een ruimer bewustzijn.


Een goede manier om dat te bewerkstelligen zijn de aloude meditatieve technieken waarbij je probeert rust te vinden via een diepere en bredere ademhaling waarbij je ook probeert je hoofd niet gevuld te houden met al te veel aards gedachtengoed.

Vervolgens wordt het de kunst om zogenaamde ‘hoog-vibrationele’ gedachten toe te laten. Dit zou je kunnen omschrijven als gedachten die je geest strelen en stimuleren naar ruimere regionen te reiken. Als je daar dan vervolgens ook nog eens de kracht van het hartsbewustzijn aan toevoegt lijkt er een aardig fundament te zijn welke je in staat kan stellen je bewustzijn te verruimen.

Een anker neerlaten ter markering van nieuwe noëtische gebieden

DE RUIMSTE GEDACHTE ANKEREN
Als je je voorstelt dat je op deze manier boven de ruis uitstijgt dan is het erg handig om als het ware een anker te plaatsen op de plek waar je met je bewustzijn bent geweest. Je plaatst in gedachten een anker met daaraan gekoppeld je eigen unieke energetische handtekening.

Je kunt daar zelf een mooi beeld bij verzinnen: een anker ergens in een onontgonnen oerwoud, of misschien ergens in de diepten van een oceaan of misschien toch liever in de ruimte of een ander gebied wat je niet goed kent.

Het is mijn ervaring dat als je eenmaal op deze manieren de buitenste grenzen van je bewustzijn voorziet van ankers (of van die vlaggen met een foto van jezelf erop) dat het dan in een later stadium ook makkelijker wordt om daar weer terug te keren.

Zo voorkom je dat je iedere keer weer opnieuw door die verdichte gedachtenmassa heen moet ploeteren. Je traint jezelf om je af te stemmen op je ankers (of vlaggen) en je zult zien dat je veel makkelijker  daar aankomt waar je was. Het wordt dan vervolgens ook veel makkelijker om vandaar uit weer verder te gaan met je noëtische exploratietochten.

Ik hecht er waarde aan om van dit noëtische project een interactief project te maken, dus wil ik mensen aansporen om hun ervaringen te delen door een reactie te plaatsen, danwel contact te leggen om te zien of er mogelijkheden zijn om groepsgewijs wellicht ankers te scheppen.

De grenzen van het bewustzijnsonderzoek zijn flexibel en worden vooral bepaald door de grenzen van onze eigen creativiteit.

Illustraties afkomstig van Namifiers en  Apartment Therapy

Communicatie tussen Planten, Dieren en Mensen: De Garnalen van Backster

Het doel van het noëtisch onderzoek binnen dit centrum is het vergaren van zoveel mogelijk kennis rondom de niet-zintuiglijke wereld waarin bewustzijn de sturende factor lijkt te zijn. Welke wetmatigheden werken daar in dat domein van de werkelijkheid waar onze zintuigen geen grip op hebben? Hoe kunnen we ons bewustzijn inzetten om deze gebieden te exploreren en te verkennen? Hoe is de relatie tussen bewustzijnsactiviteiten, ons lichaam en materie in het algemeen?

Vanuit dat perspectief bieden de onderzoeken van Cleve Backster wellicht een interessante bijdrage. In ‘Het Intentie Experiment’ van Lynne McTaggart (hoofdstuk 3) wordt gesproken over zijn werk. Cleve Backster concludeerde dat er sprake zou zijn van bijzondere vormen van communicatie tussen levende wezens die met onze zintuigen niet waar te nemen is. Met behulp van zogenaamde polygrafen was hij in staat de sterkte van de geleiding van stroom te meten. Deze polygrafen had hij ook gebruikt bij de ontwikkeling van de leugendetectors.

In een van zijn meest aparte onderzoeken had hij planten met polygrafen in verschillende kantoorruimtes geplaatst. Vervolgens had hij een levende garnaal (het kunnen er ook meer geweest zijn) boven een bak met heet water gehouden en vervolgens ook in het kokende water gestopt. Het opmerkelijke was dat de plant in dezelfde ruimte de ‘dood’ van de garnaal registreerde waardoor de polygraaf uitsloeg. Alsof dat nog niet genoeg was reageerden ook de andere planten in de andere ruimtes!

Hij beweerde zelfs dat planten reageerden op bepaalde ‘kwaadaardige’ gedachten van hem. Zo zou de polygraaf uitslaan als hij zich voornam om een plant te laten schroeien met bijvoorbeeld een lucifer. Hij hoefde dus niets anders te doen dan deze bedreigende gedachten te denken of de plant reageerde er al op (in angst).

Stel dat deze onderzoeken – hoe merkwaardig ook – inderdaad ons iets tonen over de mogelijkheid dat planten in staat zijn om de aard van onze gedachten af te lezen, en bovendien ook nog eens het vermogen hebben om te communiceren met elkaar. Het doet me ook denken aan dat biologische onderzoek naar een bepaalde boomsoort in Afrika. Deze heeft normaal gesproken een blad dat smakelijk is. Zodra er echter giraffes aan de bomen beginnen te eten zouden de bomen binnen korte tijd de samenstelling van hun bladeren zó veranderen dat ze zeer onsmakelijk worden. Hierdoor stoppen de giraffes met het eten van deze bomen.

Deze manier van denken biedt interessante aanknopingspunten voor nader onderzoek en gedachtenexperimenten. Als planten zo met elkaar kunnen communiceren, waarom doen wij dat dan ook niet? Als planten in staat zijn om noodsignalen op te vangen van andere diersoorten zoals de garnaal wie weet wat er nog meer allemaal opgevangen wordt en hoe gaat ons systeem om met al dit soort signalen?  Is wellicht zelfs bewuste communicatie mogelijk met bepaalde dieren of planten op dit niet-zintuiglijke gebied? Zouden we onszelf kunnen trainen om ook hier weer gevoelig voor te worden?

Graag hoor ik meer hierover van geïnteresseerden; ook zou ik graag de bron willen weten van het giraffenonderzoek dat ik aanhaal.