Archive for the ‘Realiteitsgebieden’ Category

Het Astrale ‘Wetboek van Strafrecht’

In mijn leven heb ik al heel wat informatie tot me genomen, welke afkomstig zou zijn van niet-fysieke vormen van bewustzijn. De laatste tijd heb ik me wat meer verdiept in het materiaal van de drie Belgische auteurs Gijsen, Dewael en van Erum (1,2) die stellen in contact te staan met een wezen dat in ruimere bewustzijnssferen zou vertoeven. Al eerder heb ik aandacht besteed aan de informatie die op deze manier in boeken is terechtgekomen van dit bewustzijn dat zich voor het gemak ‘Anthon’ heeft genoemd ( 3-6).

boekenronde-1

In het boek ‘Als het negatieve je pas kruist’ (2) wordt ingegaan op de achtergronden van allerlei minder constructieve  interacties tussen fysieke mensen en figuren uit de niet-fysieke regionen van de werkelijkheid. Allerlei interessante thema’s worden aangesneden, waaronder bezetenheid, dolende en dwalende zielen, auraklevers, zwarte en witte magie, voodoo, klopgeesten en vervloekingen. Niet echt onderwerpen voor een kinderfeestje, kunnen we wel stellen.

Het is natuurlijk allemaal maar de vraag wat hier van ‘waar’ is en wat niet, maar vooralsnog ben ik geneigd om me wel te openen voor de mogelijke realiteit van dit soort verschijnselen. Met interesse heb ik dan ook de korte beschrijvingen van de verschillende fenomenen gelezen uit het boek, ware het niet dat gedurende het lezen een bepaald onaangenaam gevoel zich meester over me maakte. Kon ik de realiteit van deze informatie niet hanteren, of voelde ik aan dat er iets misschien niet zou kloppen?

Ik laat het aan het beoordelingsvermogen van de lezer om zelf te kiezen voor wat het meeste aanspreekt. Ikzelf ben geneigd om veel van de informatie uit het werk van Anthon waardevol te vinden, maar sommige aspecten lijken me niet aannemelijk. Ik doel hierbij vooral op het veelvuldig voorkomen van allerlei regeltjes die zouden worden toegepast in de astrale wereld. Deze ‘regelgeving’ wordt zó strak beschreven dat het voor mij niet geloofwaardig meer is. In het vervolg van dit artikel wil ik er aantal noemen.

Anthon benadrukt dat er niet gekeken dient te worden naar astrale rechtvaardigheid in termen van straf, maar ik vind het moeilijk om het in sommige gevallen anders te beleven. Met een zekere ironie zou ik dan ook willen spreken over het Astrale Wetboek van Strafrecht van Anthon. Wellicht is dit een uiting van een beperkt bewustzijn, mijnerzijds, wellicht ook een gevolg van mijn standplaatsgebondenheid, oftewel de cultuur waarin ik als Nederlander ben opgegroeid.

Keyhole van Solizick Meister (7)

Keyhole van Solizick Meister (7)

 HET ASTRALE WETBOEK VAN STRAFRECHT

Voor alle duidelijkheid spreekt Anthon niet over straffen; ook is er geen sprake van een astraal wetboek. In het kader van de metafoor heb ik zelf artikelen gemaakt met daarin de thema’s verwerkt. Om het artikel niet te lang te maken heb ik me inhoudelijk onthouden van commentaar. Wellicht ga ik in andere artikelen nog verder in op het onderstaande.

– Art. 1: Indien je je organen na je dood doneert aan een ander zal je eigen zielsovergang naar de geesteswereld vertraagt worden, en wel zolang totdat de ontvanger van het orgaan ook is overleden. (2, p.135)

– Art. 2: Als iemand zelfmoord pleegt blijft hij dolen op de plek van het lichaam, waar het vermoedelijk thuishoort. Ze blijft dolen gedurende de tijd dat de zelfdoder nog had kunnen leven; daarna keert zij terug naar de positieve sferen.  Zelfdoders zijn gedoemd te dolen tot hun eigenlijke sterfdatum is bereikt. Ze worden voortdurend geplaagd door pijnlijke emoties van eenzaamheid, afkeuring, schuld en zinloosheid. Omdat dolen of dwalen zo’n verschrikkelijke ervaring is zullen zelfdoders…dat slechts één keer in al hun incarnaties doen. De verschikkelijke herinnering aan het dwalen blijft hen altijd bij….De mens kan niet zelf bepalen wanneer hij incarneert, en hij mag evenmin beslissen wanneer hij een einde wil maken aan een incarnatie. (2, p.136-137)

– Art. 3: Indien iemand ge-euthaniseerd wordt zal hij de pijn en het lijden dat hij vermijdt in de laatste levensdagen ervaren aan de andere zijde in de vorm van psychische pijn, eenzaamheid, ontreddering, schuldgevoel en een gevoel van totale verlatenheid. (2, 138)

– Art. 4: Als je iemand helpt bij euthanasie zul je de rest van je leven geen steun meer krijgen van de geesteswereld (2, 139)

– Art 5: Abortus is zondigen tegen de kosmische wet van leven en dood. Als iemand abortus pleegt, zal hij daar levenslang schuldgevoelens over hebben, zelfs als de foetus niet bezield is. De persoon in kwestie kan wel boetedoen door elke maand een uurlang te mediteren, en dat gedurende het hele leven. Zo vermindert hij de schuldgevoelens en toont berouw over de daad. Als hij dat niet doet zal zullen de schuldgevoelens gedurende vijf incarnaties aanhouden.(2, 139-140)

– Art 6: Doden uit zelfverdediging is niet toegestaan. Dit staat gelijk aan moord. Alleen politieagenten of soldaten mogen in het kader van het vervullen van hun taak doden in het geval van nood. Zij hebben immers ervoor gekozen om bij een organisatie te werken die de maatschappelijke orde moet handhaven. Aangezien orde noodzakelijk is, mogen zij die taak vervullen en is het hen toegestaan om in geval van nood te doden, zonder daar negatieve gevolgen van te hoeven dragen. Ze hebben dan immers gehandeld uit noodweer. (2, p.140-141)

– Art. 7: Indien je je lichaam laat cremeren zal dat leiden tot extra pijn: bij een crematie verbrandt ook het etherische omhulsel dat bij een stoffelijk lichaam hoort en dat ons helpt om het stoffelijke lichaam los te laten. De pijn van het afsterven is vele malen sterker wanneer dat beschermende etherische lichaam wordt verbrand. (2, p.134)

– Art. 8: Indien iemand je vervloekt zal deze vloek vier jaar lang haar kracht behouden. De vloek begint echter pas te werken vanaf het moment dat je z9ndigt tegen jezelf of tegen een ander. Bij een vervloeking heeft de vervloeker de intentie de ander bewust te schaden; hij wenst hem tegenslag of onheil toe en spreekt in stilte de verwensing uit…mondiaal is 41% van de mensen vervloekt. (2, p. 67)

– Art. 9: Indien je iemand anders vervloekt zul je voor de rest van je leven geen contact meer krijgen met de positieve geesteswereld. Ze krijgen nog wel hulp van hun geleidegeest en kunnen gebruik maken van hun ziel en de daarin opgeslagen informatie uit vorige incarnaties. Na de dood gaat de vervloeker dwalen en vervolgens zeven jaar het lichaam van een nog levende persoon bezetten. Na deze zeven jaar gaat hij vervolgens nog zeven jaar naar de eerste negatieve sfeer. Daarna keert hij terug naar de eigen positieve sfeer. Het heeft geen zin om tijdens het leven nog spijt te betuigen. (2, p. 69-71)

– Art. 10: Indien je het slachtoffer bent van zwarte magie (het via een ritueel doodwensen van een ander persoon) ga je altijd eerder dood. Een slachtoffer van zwarte magie is na de verwensing eigenlijk een zombie, een levende dode. Eerst voelt hij zijn lichaamskracht verzwakken, hij wordt alsmaar meer moe, en geleidelijk aan wordt alle levensenergie uit hem weggezogen….langzaam vermagert hij, tot de dood intreedt. Na de dood worden geen negatieve gevolgen ervaren. (2, p. 77)

– Art. 11: Degene die zwarte magie uitoefent zal tijdens zijn leven geen contact meer krijgen met de positieve geesteswereld. Een ander gevolg is dat hij veel sneller zal sterven dan in zijn normale levensloop was voorzien. Na zijn dood begint hij te dwalen, net als de vervloeker, alleen zal hij zoveel jaren dwalen als zijn slachtoffer zonder zijn verwensing nog zou hebben geleefd. Daarna gaat de zwartmagiër ook iemand bezetten en vervolgens verblijft hij 14 jaar in de negatieve sferen om daarna weer terug te keren naar de positieve sferen, maar hij zal langer in de geesteswereld moeten verblijven voordat hij weer mag incarneren.  Mondiaal is 35% van de bevolking het slachtoffer van zwarte magie. (2, p. 79-80)

– Art. 12: Indien je witte magie uitoefent ontvang je dezelfde consequenties als bij zwarte magie. Zie artikel 11. Het is verderfelijk om iemand over te halen tot iets, waarbij je zijn vrije wil uitsluit. (2, p.99)

– Art. 13: Indien je bezeten wordt, wordt je bezeten door iemand die precies één sfeer hoger zit dan je eigen ziel

NOTEN

(1) William Gijsen (2013/1998) Maak je Hemel op Aarde (2) William Gijsen, Joke Dewael & Harry van Erum (2011) Als het Negatieve je pad kruist: wat dan? (3) De Drie sferen van de Ziel volgens Anthon (4) Je Openen voor een Ruimere Verantwoordelijkheid (5) De Vrije Wil? Ach, op een gegeven moment groei je er overheen. (6) Het Belang van je Gevoel Verwoorden: Een Panacee tegen Astraal Gespuis? (7) Afbeelding Solizick Meister afkomstig van Surrealism Archive.

 

 

Het Concept Energetische Lus, een Introductie

Eén van de zaken die het ons moeilijk maakt om verder te kijken dan onze directe fysieke werkelijkheid, is dat we  zelden spelen met mogelijkheden die ons verder zouden kunnen voeren. Waarom zouden we immers aandacht schenken aan dingen die we niet met onze zintuigen kunnen waarnemen? Op deze site probeer ik toch concepten te presenteren die de geest aansporen zich wél open te stellen voor andere realiteiten. Het gaat er dan niet zozeer om om naadloos bewijs te leveren voor het bestaan ervan, of om de lezer te overtuigen van iets, maar het doel is eerder om de geest te prikkelen bepaalde mogelijkheden te overwegen.

Een Koe Melken (afbeelding afkomstig van 1)

Een Koe Melken (afbeelding door Jannemieke Termeer, 1)

Goed, laten we beginnen. De informatie die ik hier wil introduceren is afkomstig van het werk van Robert Monroe (2). Hij figureert hier regelmatig op deze site vanwege zijn innovatieve, inspirerende en geestverruimende beschrijvingen. Tijdens zijn buitenlichamelijke verkenningen kreeg hij in een bepaald stadium een soort van ‘informatiebal‘ aangereikt.

Bij dergelijke informatieballen stel ik me dan voor dat ze bij het openen ervan een soort holografische informatie beleving creëren. We laten hier overigens maar even buiten beschouwing van wie Monroe die bal kreeg. In het boek ‘Astrale Reizen’ wordt op pagina 180-189 de inhoud van deze informatie zorgvuldig beschreven.

EEN SCHEPPINGSVERHAAL

Omdat we tegenwoordig in het digitale tijdperk leven waarin mensen vaak moeite hebben met het lezen van langere teksten zonder af te dwalen, verkies ik het om die 10 pagina’s maar niet over te schrijven, ook al zou dat de beste manier zijn om kennis te maken met de lus-theorie. Ik heb ze wel gescand, waardoor je de oorspronkelijke tekst wel zou kunnen lezen, iets wat ik zeker aanraad (3). Hieronder volgt een zeer beknopte samenvatting die eigenlijk nauwelijks recht doet aan de oorspronkelijke beschrijving.

In dit verhaal komen we in aanraking met ‘Iemand‘ die in een experiment probeert een bepaald waardevol iets, ‘lus’ genaamd, te produceren. Tot dan toe ontstond er alleen spontane rauwe lus, maar hij wilde proberen of het mogelijk was om deze lus op een of andere manier zelf te laten ontstaan. Lus was overigens hard nodig voor de overleving van de soort waar Iemand toe behoorde.

Hij schiep daartoe een tuin waar hij eerst wat experimenteerde met levende dingen in water, maar dat leverde nauwelijks lus op. Later ging hij in de tweede fase over op het scheppen van plantachtigen, en tot zijn vreugde bleek er lus vrij te komen als een plantachtige dood ging. In een andere fase verzon hij dierachtigen die door het eten van planten lus produceerden, en zelf ook meer lus produceerden, niet alleen als ze stierven, maar ook, zo  ontdekte hij tot zijn verbazing, ook als er onderling gevochten werd.

Daarna ontwikkelde hij een vierde generatie soort, die hij ook voorzag van een deel van zijn eigen energie. Hij hoopte dat deze wezens hierdoor zouden verlangen naar hereniging, en dat het verlangen ook zou leiden tot meer lus-productie. Dit bleek inderdaad het geval te zijn. Verrast was hij verder dat er ook een gedestilleerde vorm van lus vrijkwam als deze 4e generatie-soort eenzaam was. Ook werd er gedestilleerde lus gemaakt als deze soort haar jongeren beschermde tegen aanvallen van buiten.

Omdat Iemand vermoedde dat het verlangen naar iets dat verder dan de directe zintuiglijke wereld reikte, ook gedestilleerde lus kon voortbrengen, besloot hij deze soort in twee delen op te splitsen: mannen en vrouwen zodat ze ook zouden gaan verlangen naar elkaar waardoor er nog meer (gedestilleerde) lus geproduceerd zou worden. Ook dat bleek inderdaad zo te werken.

Iemand was er in geslaagd om een systeem te ontwerpen dat zorgde voor een continue productie van lus welke werd geoogst door collectoren die door hem waren aangewezen. Hij liet het beheer aan hen over en keerde zelf terug naar Ergens waar de lus werd gebruikt.

Tot zover dit verhaal. Robert Monroe heeft er weken voor nodig gehad om dit verhaal werkelijk te integreren. Hoe denk jij erover?

NOTEN

(1) Mijn focus of landgoed Hemmen -Afbeelding door Jannemieke Termeer

(2) Monroe, R. A. (1985) Astrale Reizen: Ervaringen met Uittredingen. Deventer: Ankh-Hermes.

(3) Zie Pdf-pagina van de tweede site of De Lustheorie van Monroe, de oorspronkelijke tekst

Via Verbeelding nieuwe Informatie verkrijgen

Bruce Moen is niet echt een held in het uittreden uit zijn lichaam zoals Robert Monroe dat was. Desondanks voelde hij wel het sterke verlangen om bewustzijnslagen te willen verkennen. Een methode die hij hiervoor ontwikkelde is door middel van fantasie nieuwe informatie verkrijgen. In deze bijdrage bespreek ik een verzonnen voorbeeld dat Bruce Moen vaak gebruikt om de methode te beschrijven (1).

We hebben het hier binnen dit noëtische raamwerk eerder gehad over het concept van het sociaal ideëel magnetisme dat zou kunnen worden ingezet om via een onderwerp in aanraking te komen met gedachten van andere mensen die over dat onderwerp gedacht/gevoeld hebben, zonder iets met de mensen zelf te maken te hebben (2).

Favim.com-2444-kb295-mrt-2011

Laten we voor het gemak er even vanuit gaan dat je door het vasthouden van bepaalde gedachten/gevoelens of beelden, er sprake kan zijn van een soort van meetrillen van soortgelijke gedachten van anderen.

Er is dan geen enkele noodzaak dat de gedachten die je uitzendt ook daadwerkelijk gedachten hoeven te zijn over iets dat werkelijk is gebeurd. Dat gedachtenresonantie-idee lijkt net zo geldig te zijn als je over volledige fantasiezaken nadenkt. Voor de werking van dit principe maakt het niet uit of iets ‘echt’ of niet is.

RESONEREN MET IETS WERKELIJKS VIA JE VERBEELDING

Ik speel hieronder een beetje losjes met het voorbeeld dat Bruce Moen gebruikt: stel je voor dat het je wel eens iets lijkt om eens te weten wat voor een man je opa was. Je hebt hem nooit gekend omdat hij al was gestorven voordat je zelf was geboren. Moen beschrijft dan hoe je je vervolgens kunt voorstellen dat je ergens in een dorpje bent en daar ergens in een tuintje op een bankje zit.  Je verzint er wat dingen bij over de omgeving en zuig je man uit je duim die je opa zou kunnen zijn.

Je stelt je zo voor hoe hij aan komt lopen en je nodigt hem uit bij je te komen zitten. Je fantaseert dat je hem wat koffie inschenkt en misschien een klontje suiker in het kopje doet. Dan verzin je een gesprekje dat kan gaan over het weer, de situatie in Syrië, of misschien wel over dingen als de dankbare vijf minuten (3), voel je vrij. Misschien kun je ook voor de grap een wat andere stem gebruiken als je doet alsof je opa iets zegt.

Wat Moen dan heeft gemerkt is dat er na verloop van tijd dan typische wendingen kunnen optreden. In het voorbeeld begint zijn opa opeens te praten over de keer dat hij een bank had beroofd. Hij vertelt daarbij wanneer dat was en ook voegt hij eraan toe dat hij het geld ergens heeft begraven, waarna hij een duidelijke omschrijving geeft van de locatie. Vervolgens vertelt hij naar welke gevangenis hij gebracht is en met wie hij op een cel heeft gezeten. Als afsluiter blijkt hij het geld nooit hebben kunnen ophalen omdat hij ook was overleden in die gevangenis.

Bij navraag kan dan zomaar blijken dat zijn opa inderdaad een bank had beroofd en in de betrokken gevangenis was overleden. Ook kan het buitgemaakte geld worden gevonden.

VOORLOPIGE CONCLUSIE

Bruce Moen benadrukt dat er een grijs gebied is tussen verbeelding enerzijds en de realiteit anderzijds, maar dat het zijn ervaring is dat via de ingang van de verbeelding er vaak ook geresoneerd wordt met zaken die werkelijk zijn gebeurd.

Via deze techniek wordt het mogelijk om toegang te krijgen tot bepaalde domeinen van kennis waar je anders niet snel bijkomt. Vanzelfsprekend is het een tricky techniek omdat je maar nooit helemaal zeker weet waar je verbeelding ophoudt en waar de werkelijkheid begint. Het is ook niet een methode die ik mensen zou aanraken die psychisch in een kwetsbare fase verkeren.

Het biedt wel vele mogelijkheden om mee te experimenteren, waarbij je dan extra aandachtig moet zijn voor de opmerkelijke wendingen, of zaken waarvan je denkt: “zoiets zou ik toch niet zomaar verzinnen?”

Graag hoor ik ervaringen van mensen die gebruik maken van deze methode.

NOTEN

(1) Moen, B. (2005) Afterlife Knowledge Guidebook: A manual for the art of retrieval and afterlife exploration. Charlottesville, Virginia, Verenigde Staten: Hampton Road Publishing Company. Het voorbeeld is afkomstig van pagina’s 154-157.

(2) Ideëel Sociaal Magnetisme

(3) De Dankbare Vijf Minuten

Gewoontepatronen en Beloften die de Dood (in Focus 23) kunnen overleven

Dit bericht is vooral geschikt voor mensen die openstaan voor de mogelijkheid dat het leven niet ophoudt nadat we sterven. Voor mensen die dat een absurd idee vinden is het wellicht beter de tijd zinvoller te besteden.

Zoals inmiddels bekend wordt het exploratief werk van Robert Monroe en Bruce Moen door mij erg gewaardeerd voor de beeldvorming van de mogelijkheden van het bewustzijn. Beiden hebben ze hun bewustzijn weten te richten op allerlei ‘etherische gebieden’ waar je je op kunt afstemmen, danwel heen kunt reizen.

Bewerking door Annemarie Bone van What Dreams May Come (4)

Bewerking door Annemarie Bone van What Dreams May Come (4)

Robert Monroe heeft op basis van zijn ervaringen een beschrijving gegeven van wat hij beschrijft als verschillende ‘focus-standen’. Je zou dit kunnen zien als een soort van frequenties waar je je op kunt afstemmen. Ik heb dit focussysteem van Monroe beschreven op een andere pagina (1).

Enerzijds zou je je kunnen afvragen wat het voor zin heeft om die bewustzijnsniveaus buiten de fysieke werkelijkheid beter te leren kennen. We leven immers niet voor niks op deze aarde en ergens denk ik ook dat het vooral de bedoeling is om ons met deze planeet bezig te houden en vooral net te doen alsof het hier allemaal om draait. Teveel aandacht richten op de niet-fysieke bestaansniveaus zou dan vooral kunnen afleiden van het serieus nemen van deze fysieke realiteit.

Anderzijds denk ik echter ook weer dat het leren herkennen van bepaalde werkingswijzen van het bewustzijn buiten de fysieke werkelijkheid ons ook iets kan leren over dat bewustzijn dat we ook tijdens ons bestaan hier op aarde gebruiken: het is immers een aspect van hetzelfde bewustzijn. Dezelfde principes zouden dan ook wel eens kunnen gelden. Op deze wijze kunnen we meer inzicht verwerven over bewustzijn door de werking van het bewustzijn buiten onze fysieke realiteit te bestuderen.

FOCUS 23 VOORBEELDEN

Het is dan ook vanuit deze achtergrond dat ik enkele voorbeelden wil noemen van gewoontepatronen (een aspect van het bewustzijn) die zich kunnen voortzetten over de fysieke dood heen. Bruce Moen noemt er een aantal in zijn handleiding (2) die ik wel indrukwekkend vond.

Monroe heeft het bewustzijnsniveau focus 23 omschreven als het gebied waarin ‘zielen’ terecht komen die niet langer op aarde leven, maar die op een of andere manier vast zitten in een realiteit die ze voor zichzelf hebben geschapen. Het lijkt er dan ook op dat manier waarop je denkt over datgene wat er gaat komen na de dood de nodige invloed kan hebben op datgene wat je ook gaat ervaren. Zo kennen we de geloofssystemen (focus 24-26) waarin mensen terecht zouden komen met een soortgelijk religieus idee: boedhhisten bij elkaar, moslims bij elkaar, christenen bij elkaar etc.

lonely-little-boy-sits-pathyway-24142996-kb301In de pagina over het Lifeline Project (3) wordt gesproken over de mogelijkheid om contact te leggen als mens met overleden mensen. Zo beschrijft Bruce Moen een situatie waarin hij een keer een overleden jongetje ergens aan de rand van een weg zag staan.

Bruce ging naar hem toe en wilde hem vertellen dat hij overleden was en dat hij ergens anders, naar een fijnere plek, kon gaan. Hij zei dat hij hem erheen kon brengen en hij reikte als het ware zijn hand naar hem uit. Het jongetje had echter geleerd dat het fout was om mee te gaan met onbekende mensen, waardoor hij weigerde mee te gaan.

Een ander voorbeeld betrof een jongetje dat doodziek terechtgekomen was in een ziekenhuis. De ouders van dat jongetje waren er helemaal stuk van en iedere keer als de moeder bij hem was zei ze tegen haar zoontje: “Blijf hier, alsjeblieft, verlaat me niet“. Het jongetje overleed echter toch, maar toen een bezoeker uit een cursus van Bruce Moen met hem sprak zei het jongetje dat de doktoren alle apparaten hadden uitgezet en een gordijn rondom het bed hadden gedaan, maar dat hij toch echt zou blijven omdat zijn moeder dat had gevraagd. Hij vroeg zich wel af waar zijn ouders toch waren.

Het laatste voorbeeld betreft een vrouw die een ernstige vorm van de ziekte van Alzheimer had. Ze was gedurende haar ziekte zó gewend geraakt aan haar gefragmenteerde manier van denken dat ze het eigenlijk helemaal niet in de gaten had dat ze was overleden. De dood trad in zonder dat ze het zich realiseerde.

Bruce Moen benadrukt verderop (gelukkig) dat de meeste mensen na het overlijden wel degelijk uiteindelijk worden opgehaald om bepaalde beloftes/gewoontes af te leren, zodat ze zich kunnen openen voor een ruimere realiteit. Wat ik vooral leerzaam vind aan deze voorbeelden is dat onze gedachten echt allesbepalend lijken te zijn voor de realiteit waarin we terechtkomen. Zodra het jongetje wel vertrouwen zou hebben in Bruce Moen, of zodra het jongetje inziet dat het wachten op zijn moeder geen zin meer heeft, verandert de wereld onmiddelijk.

Voor degenen die geïnteresseerd zijn in deze materie raad ik de film ‘What Dreams may Come‘ aan waarin Robin Williams een hoofdrol speelt.

Illustratie van jongetje op stoep afkomstig van Dreamstime.com

NOTEN

(1) Het Focussysteem van Robert Monroe

(2) Moen, B. (2005) Afterlife Knowledge Guidebook: A manual for the art of retrieval and afterlife exploration. Charlottesville, Virginia, Verenigde Staten: Hampton Road Publishing Company. De voorbeelden zijn afkomstig van pagina 144. Zie verder ook Perspectief verruimen via Hartcoherentie

(3) Life Line Project

(4) Annemarie Bone

Het Lifeline Project en de Rinkelende Bel

INTRODUCTIE

In de vorige bijdrage (1) heb ik gesproken over één van de wellicht onverwachte zaken waar je rekening mee hoort te houden binnen het bewustzijnverkenningswerk, en dat is dat je af en toe als het ware ‘gestoord’ wordt in je onderzoek doordat er bepaalde thema’s zich aandienen die belangrijk zijn in je persoonlijke leven.

zwemmen-door-de-weg-kb295-27-april-2011Je kunt dan wel krampachtig proberen door te gaan met het verkennen of het afstemmen op bepaalde andere zaken, maar het lijkt haast onvermijdelijk dat je beter kunt zwichten voor deze ‘oerkracht’, om je aandacht vervolgens te richten op iets dat vraagt om opheldering of misschien wel heling in jezelf. Ik sprak daarbij over een tijdelijk bezoek aan de mijnen (2).

Buiten deze ‘therapeutische’ oerkracht, lijken er nog andere krachtige principes te zijn die zomaar de kop op kunnen steken. In deze bijdrage gaan we deze introduceren n.a.v. de ervaringen van Robert Monroe en het Life Line Project.

HET LIFE LINE PROJECT

Robert Monroe is een graag geziene gast binnen deze noëtische wereld. In meerdere artikelen is er al gerefereerd naar zijn werk. Monroe was een pionier op het vlak van het buitenlichamelijk reizen. Tijdens zijn exploraties in allerlei niet-fysieke realiteiten heeft hij veel analyses gemaakt en opgetekend in zijn drie boeken.

Hij  beschrijft op een gegeven moment een opmerkelijk verschijnsel. Zo merkte hij dat er soms periodes waren dat hij nog maar net uit zijn lichaam was getreden, of hij voelde een signaal, als een soort belletje dat rinkelde zou je kunnen zeggen. Als hij zich dan op dat signaal afstemde schoot zijn bewustzijn naar een persoon die zich ergens in de niet-fysieke sferen bevond (3).

Wat hij al snel merkte was dat de (overleden) persoon waar hij dan bij was, vaak een hulpvraag had, of dat hij op het punt stond om zich te openen voor een andere realiteit. Je moet immers weten dat het volgens Monroes ervaringen zo werkt dat de ‘ruimte’ waar je je begeeft sterk wordt bepaald door datgene wat je gelooft tijdens het leven op aarde. Als je dan op het punt staat om te gaan twijfelen aan bepaalde elementen van een geloofssysteem die bij een bepaalde ‘ruimte’ hoort, dan ben je eigenlijk rijp om over te schakelen naar een ander geloofssysteem dat daar beter bij aansluit.

Ook werd Monroe soms via dat signaal geleid naar mensen die pas waren overleden en wel wat rustige hulp konden gebruiken om het een en ander uit surreal-surrealism-photo-photography-art-Favim.com-666593-kb295te leggen over de situatie. Sommige mensen kunnen immers aardig in paniek raken als ze dood zijn, en dat is niet echt nodig, aldus Monroe.

TWEEDE OERKRACHT GERICHT OP HET HELPEN VAN ANDEREN

Niet alleen Monroe kreeg te maken met dit verschijnsel om signalen te krijgen die je leidde naar mensen die je hulp kunnen gebruiken, ook andere astrale reizigers kregen hiermee te maken. Hieruit meen ik te kunnen concluderen dat er schijnbaar ergens een of ander ‘mechanisme’ is dat de wijsheid heeft om signalen af te geven om hulp te bieden aan mensen.

Wat je dan ook kunt verwachten bij het noëtisch werk is dat je niet alleen wordt aangespoord om zaken in jezelf op te lossen of te helen, maar dat je ook zomaar af en toe ‘gevraagd’ kan worden om ook anderen een handje te helpen met het een of ander. Als je je bewustzijn verruimt dan lijken deze krachten daar gratis bij te worden geleverd. Ook hier geldt dat het misschien niet al te veel zin heeft om er teveel tegen in opstand te komen.

NOTEN

(1) Voorbij de illusie van de objectiviteit en de therapeutische component
(2) De Driedaagse in de Mijnen
(3) Monroe sprak over verschillende focus-gebieden. Lees er meer over op: Het Focussysteem van Robert Monroe.

Ideëel Sociaal Magnetisme via een Onderwerp

De stelling dat de grenzen van onze werkelijkheid worden bepaald door de grenzen van ons verbeeldingsvermogen spreekt me erg aan, en met dat idee in gedachte wil ik hier ook het concept van het ideëel sociaal magnetisme introduceren.

Zoals inmiddels bekend bij de frequente bezoeker van deze site, wordt er binnen dit noëtische denkkader veel waarde gehecht aan de term ‘afstemming’. Zo werken we met het concept dat iedereen zijn eigen ‘energetische handtekening’ heeft (1), waardoor het mogelijk wordt om je bewustzijn af te stemmen op andere mensen door gebruik te maken van deze unieke signatuur. Dit zou je bijvoorbeeld kunnen inzetten voor als je goedgemutst een rondje liefde zou willen verdelen (2), of als je bewust energie zou willen uitwisselen met anderen (3).

Antenne Hoofd (4)

Antenne Hoofd (4)

Het idee dat dan ook geopperd is, is dat je de beschikking hebt over wat je een bewustzijnsantenne zou kunnen noemen. Deze ‘antenne’ is vanzelfsprekend onmisbaar als je informatie/energie wilt uitwisselen met anderen zonder dat je via je normale zintuigen contact met hen hebt (5). Laatst hebben we nog een link gelegd met de mogelijkheid dat je soms ook daadwerkelijk fysiek bepaalde delen van je hoofd kunt voelen als je je afstemt op andere mensen (6).

WERKEN VIA EEN ONDERWERP

In plaats van je direct op mensen af te stemmen kun je je bewustzijnsantenne ook inzetten om informatie te verkrijgen over een bepaald onderwerp. Al eerder hebben we gespeeld met dit concept in het artikel, de noëtische muntjesautomaat (7). Zo kun je je bijvoorbeeld trainen om een bepaalde vraag regelmatig in je ‘hoofd’ te hebben. Dat kan via een meditatie, maar je kunt het ook meenemen onderweg overdag, bij het ontwaken, bij het naar bed gaan.

Het is mijn ervaring dat het zo bezig zijn met een bepaald onderwerp – zonder dat je er voor met anderen over hoeft te communiceren – kan werken als een soort van energetische magneet. Alsof een bepaalde gedachte het effect heeft dat het soortgelijke gedachten aantrekt. Afhankelijk van je discipline, je doorzettingsvermogen, je gevoeligheid en je vermogen om weerstand te bieden tegen de vele versnipperingen die je op een dag tegen kunt komen, kun je zo contact leggen met gerelateerde informatie.

IDEËEL SOCIAAL MAGNETISME

Je zou het kunnen zien als een soort van levend energetisch veld waar je je vrijelijk in kunt bewegen met als gereedschap je gedachten/gevoelens. Als je je vervolgens voorstelt dat veel van de gedachten die zo resoneren met jouw oorspronkelijke gedachten ook afkomstig zijn van andere mensen, ontstaat er wellicht ook de mogelijkheid om via een onderwerp je af te stemmen op mensen die soortgelijke gedachten hebben (gedacht), waarbij je buiten je lichaam niets anders nodig hebt: geen smartphone, PC, tablet of wat dan ook.

Als je je opent voor deze mogelijkheid zou je het nog een stapje verder kunnen uitwerken door je voor te stellen dat je op deze wijze ook energetische uitnodigingen voor informatie-uitwisselingen kunt ‘versturen’. Zo zou je in contact kunnen komen met andere mensen die soortgelijke gedachten denken. Je zou je daarbij kunnen trainen om gevoelig te worden voor de unieke energiesignatuur van deze nieuwe mensen (die je dus nog nooit gezien, gesproken of gemaild hebt), waardoor je je zou kunnen afstemmen op momenten van meditatie.

Nostalgisch op andere resonerende  PC's rondstruinen

Ooit lang geleden had je een zogenaamd peer-to-peer programma dat Napster heette. Met dit programma kon je rechtstreeks bestanden uitwisselen met andere computers.

Het bijzondere van dat programma was, dat je – als je daar toestemming voor had gegeven – je ook toegang kon krijgen tot bepaalde mappen op de computer van die ander. Als je dan via bepaalde muziek die je leuk vond bij een bepaalde persoon was uitgekomen, kon je ook gaan snuffelen in zijn ‘mp3-bak’ om zo nieuwe ideeën op te doen.

Dit is eigenlijk een goede metafoor voor het ideëel sociaal magnetisme. Via bepaalde gedachten/ideeën/onderwerpen leg je met je bewustzijn contact met soortgelijke ideeën, en vervolgens zou je je kunnen afstemmen op de ‘oorspronkelijke zenders’ van deze gedachten, met daarbij de mogelijkheid dat je extra informatie kunt verkrijgen.

En wie weet werkt het ook nog wel eens zo, dat, wellicht met een flinke dosis synchroniciteit, deze energetische contacten ook aanzetten tot het in werkelijkheid tegenkomen van deze  ‘resonerende’ mensen.

WAAROM GEBRUIK JE NIET GEWOON FACEBOOK?

Een criticus zou kunnen stellen dat je in plaats van het je begeven op dit computerloze, a-digitale pad van interactie met resonerende gedachten, je net zo makkelijk in contact kunt komen met soortgelijke gedachten via internet, google en facebook. Op die manier kun je immers toch ook mensen vinden die met dezelfde thematiek bezig zijn? Je hebt bovendien natuurlijk ook allerlei soorten netwerken, fora e.d. Waarom zou je zo ‘moeilijk’ doen, als het ook makkelijk digitaal kan?

Laat ik eerst zeggen dat de a-digitale methode die ik hier voorstel niet de digitale methode hoeft uit te sluiten, net zo min als dat het de normale omgang via vrienden, bekenden, familie en collega’s e.d. niet hoeft uit te sluiten. Deze meer etherische benadering zou echter zo ook enkele voordelen kunnen hebben die de andere methodes niet hebben. Zo is het bereik dat je hebt in principe grenzeloos: taal is geen barrière, je zou ook mensen die nauwelijks of niet actief zijn via sociale netwerken, blogs of internet in het algemeen, kunnen bereiken.

Daarnaast weet je maar niet wat er zich allemaal nog meer bevindt in de schier oneindige informatievelden waar je je dan op gaat afstemmen. Wie weet kunnen we contact leggen met voorouders (8) of met andere bewustzijnsvormen waar we geen weet van hebben (9,10,11). Wellicht kunnen we afstemmen op lagen van wijsheid waar we ons nauwelijks een voorstelling van kunnen maken. Misschien kunnen we ook wel leren mensen via deze etherische weg verder te helpen door je gedachten te delen met mensen die op een bepaalde manier vastlopen? Wie weet hebben we als mensheid vroeger wel eens periodes lang met elkaar gecommuniceerd op deze manier, wie zal het zeggen?

Mensen die geboeid zijn door deze onderwerpen raad ik aan dan wel energetisch dan wel digitaal contact te leggen, of een berichtje achter te laten onderaan dit artikel.

Met noëtische groet

NOTEN
(1) https://noetiek.wordpress.com/2010/02/23/frequenties-van-het-energieveld/
(2) https://noetiek.wordpress.com/2013/05/13/even-een-rondje-liefde-verdelen/
(3) https://noetiek.wordpress.com/2013/05/14/aard-en-gradaties-van-stille-interpersoonlijke-aandacht/
(4) Angel Dan op Flickr
(5) https://noetiek.wordpress.com/2010/01/06/de-bewustzijnsantenne/
(6) https://noetiek.wordpress.com/2013/05/21/bepaalde-hersengebieden-activeren-als-afstemmingsmechanisme/
(7) https://noetiek.wordpress.com/2010/03/21/de-noetische-muntjesautomaat/
(8) https://noetiek.wordpress.com/2010/09/18/noetisch-afstemmen-op-voorouderse/
(9) https://noetiek.wordpress.com/2010/01/21/het-focus-systeem-van-robert-monroe/
(10) https://noetiek.wordpress.com/2010/08/01/m-band-herrie-ernstige-gedachtenverdichting/
(11) https://noetiek.wordpress.com/2010/12/14/bezetenheid/

Intern of Extern Googlen?

Wat Google en Internet met onze hersenen doen

INTRODUCTIE

Zonder daarbij al te dramatisch te doen, denk ik dat de komst van de digitale revolutie een erg grote invloed heeft op de manier waarop wij in het leven staan, en vooral ook de manier waarop wij denken en voelen. Omdat het nog allemaal vrij nieuw terrein is, zijn de kenmerken van de ontwikkelingen ook nog niet helder afgebakend. In deze bijdrage wil ik stilstaan bij het onderscheid tussen wat ik intern en extern googlen zou willen noemen (1).

WONDEREN

Een basis-aanname van deze noëtische site is dat het bewustzijn ongekende mogelijkheden biedt, die verder reiken en wonderbaarlijker zijn dan we met ons dagelijks bewustzijn ook maar kunnen bevroeden. Zoals Albert Einstein eens gezegd zou hebben:

” Er zijn slechts twee manieren om je leven te leven,
doen of niets een wonder is en doen alsof alles een wonder is.
Ik geloof in de laatste manier. “

Ik sluit me hier graag bij aan. Tegenwoordig lijken de ‘wonderen’ niet veel verder te gaan dan de nieuwste fantastische mogelijkheden van een smartphone, een tablet, een bepaalde tv of een ander ongekend technologisch hoogstandje. Onze wonderen lijken in een snel tempo te digitaliseren en technocratiseren. Soms zien we nog wel eens een wonderbaarlijk dier bij de dierenplaatjes bij de Albert Heijn, maar de echte verwondering in ons collectieve maatschappelijke geheugen lijkt toch vooral technologisch van aard te zijn.

Nadat Newton het goddelijke uit het universum heeft gehaald, Darwin van ons een stel geëvolueerde apen heeft gemaakt en Freud ons heeft veranderd in wezens met sterke onbewuste driften, de politieke besluitvorming en de corporaties steeds verder van ons komen, komt daar Google en Internet nog eens bij die ons steeds het gevoel geven dat ons geheugen eigenlijk in het niet valt bij zó ontzettend veel digitaal opgeslagen informatie. Google weet het eigenlijk toch vaak beter en veel sneller, nietwaar? Wij werken actief mee door veel aandachtsversnipperend gedrag te vertonen. Wat blijft er nog over van onze goddelijke grootsheid?

DE STRIJD AANGAAN

De moderne fyisica leert ons dat het universum steeds meer begint te lijken op een grote gedachte in plaats van een grote machine. Het idee dat er – zonder enige vorm van bewustzijn- zoveel verscheidenheid aan dieren, zomaar spontaan door een aaneenschakeling van allerlei genetische foutjes kan ontstaan,  is eigenlijk toch ook erg onwaarschijnlijk. Daar komt bij dat steeds meer mensen bezig lijken te zijn met het ‘werken aan zichzelf’ waardoor de afstand tussen het Freudiaanse onbewuste en ons bewustzijn voor menigeen kleiner wordt.

Kortom, misschien is die evolutietheorie van Darwin eigenlijk wel grotendeels onzin, net zoals het goddeloze perspectief van Newton, en leven we in een wereld waarin we allen goddelijke potenties hebben en is het alleen zaak ons dat te herinneren en dat vervolgens ook beter te leren gebruiken.

Eén van de manieren om die grootsheid weer toe te laten is om te overwegen dat je ook groots bent, en dat de mens grootse mogelijkheden heeft, waar google nog een puntje aan kan zuigen, zullen we maar zeggen.

ONMETELIJKE GEDACHTEN

Binnen het noëtische kader op deze site wordt verondersteld dat ons bewustzijn het vermogen heeft om zich als een antenne af te stemmen op informatie die opgeslagen ligt in voor ons niet zichtbare velden (2). Niet alleen kan het op deze manier contact leggen met eerder persoonlijk opgeslagen informatie, maar ook is het mogelijk om – met oefening – contact te leggen met de informatie die opgeslagen is door andere personen, en wellicht zelfs om in contact te komen met informatie die een heel andere herkomst heeft.

Sommige mensen spreken over de Akasha-kronieken als zijnde deze informatievelden waar alles opgeslagen zou liggen wat ooit gedacht is. In het artikel ‘De Noëtische Muntjesapparaat’ (3) noem ik de mogelijkheid om als het ware een vraag, beeld, woord of gevoel te pakken. Deze als een muntje tijdens een rustig (meditatie-) moment in je geest te werpen om dan vervolgens in rust te zien hoe je geest contact gaat leggen met zaken die er mee te maken hebben. Hierbij kunnen beelden, muziekstukken, gevoelens, herinneringen en ook creatieve ingevingen loskomen.

Wat is er mooier dan op deze manier tot nieuwe inzichten, nieuwe gedachten en nieuwe manieren van schoonheidsbeleving te komen? En als je deze nieuwe gedachten/gevoelens ook nog eens in vrijheid en eerlijkheid zou kunnen delen met anderen die er op hun manier weer iets aan toevoegen, dan levert dat toch veel meer vreugde op dan het snel rondspringen van het ene google-resultaat naar het anderen, of van de ene tweet of facebookbericht naar de andere?

Het enige wat je hiervoor nodig hebt is een geest die in staat is om rust te vinden; een geest die in staat is om door de ruis heen te kijken (4). In mijn ogen is het grootste gevaar momenteel in onze westerse samenleving de enorme aandachtsversnippering en het gemak waarmee we onze aandacht ook richten op externe (amusements) prikkels die voor een snelle en gemakkelijke bevrediging zorgen.

Eén van de leuke effecten van het zo struinen door de informatievelden is dat je ook door het planten van nieuwe gedachten, gebruik kunt maken van mogelijke ‘magnetische’ effecten in die zin dat de kans wel eens groter zou kunnen worden dat je in contact komt met mensen die in datzelfde domein aan het scheppen zijn.

De door jezelf geplante nieuwe gedachten in de ‘gedachtenether’ zouden ook wel eens een veel langere levensduur hebben dan de gemiddelde artikelen op internet, waarvan er velen na een paar jaar in de vergetelheid raken en uiteindelijk verworden tot een dode link.

Mocht je je aangesproken voelen tot het gedachtegoed op deze site en gemotiveerd zijn om de grenzen van je bewustzijn op te rekken samen met andere mensen dan raad ik je aan je via de contactpagina aan te melden.

NOËTISCHE NOTEN
(1) We hebben het eerder gehad over Google, zie daarvoor een artikel uit 2010: https://noetiek.wordpress.com/2010/09/20/geloof-in-een-oneindige-geest-en-googlistische-luiheid/
(2) https://noetiek.wordpress.com/2010/01/06/de-bewustzijnsantenne/
(3) https://noetiek.wordpress.com/2010/03/21/de-noetische-muntjesautomaat/
(4) https://noetiek.wordpress.com/2010/08/01/m-band-herrie-ernstige-gedachtenverdichting/